Duurzaamheid
Duurzame ontwikkeling is “een ontwikkeling die tegemoet komt aan de noden van het heden zonder de behoeftevoorziening van de komende generaties in het gedrang te brengen” (Brundtland Report – Verenigde Naties). In de 21e eeuw staat onze samenleving voor een aantal grote uitdagingen, zowel in ecologisch als sociaal-economisch opzicht. Duurzaamheid gaat over overeenstemming brengen in economische behoeften (profit/prosperity), ecologische behoeften (planet), en sociale belangen (people). Kiwah streeft naar een sterkere positie van duurzame producten en diensten in de markt en zij stimuleert bedrijven en consumenten in lokale gemeenschappen om duurzaam te produceren en te consumeren.
Duurzaamheid en duurzame ontwikkeling zijn begrippen die bij iedereen bekend zijn. We weten allemaal wat er ongeveer mee wordt bedoeld maar iedereen verstaat er weer net iets anders onder. Zo verstaan ouderen onder duurzaamheid vaak ‘iets wat lang mee gaat en van goede, degelijke kwaliteit is’, terwijl jongeren het begrip duurzaamheid eerder verbinden met milieu, natuur en eerlijke handel. Duurzaamheid is een breed begrip dat zodanig veel gebruikt wordt dat het aan betekenis heeft verloren. Maar wat is duurzaamheid en wat is duurzame ontwikkeling dan precies? Duurzaamheid is een eindtoestand van onze samenleving. Een duurzame samenleving is een samenleving gekenmerkt door activiteiten die oneindig voortgezet kunnen worden omdat zij niet schadelijk zijn op lange termijn. Duurzame ontwikkeling is het proces of de transformatie van een niet-duurzame naar een duurzame samenleving. Duurzame ontwikkeling wordt in het Brundtland Rapport van de Verenigde Naties gedefinieerd als: “een ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen”. Een voorbeeld van een niet-duurzame praktijk is bijvoorbeeld overbevissing. Dat betekent dat zodanig veel vis gevangen wordt dat de vispopulatie zichzelf door natuurlijke reproductie niet kan herstellen tot de oorspronkelijke stand. De visstand zal op langere termijn zodanig afnemen dat er geen enkele vis meer overblijft, wat desastreus kan zijn voor toekomstige generaties wereldwijd. Dat betekent dat duurzaamheid een handelen is met een toekomstvisie en een wereldvisie; een handelen dat geen schade of problemen oplevert op de lange termijn voor jezelf en anderen op mondiaal niveau. Duurzaamheid betekent dat de continuïteit van maatschappelijke activiteiten is gewaarborgd. Een duurzame samenleving is een samenleving die zichzelf in stand weet te houden en waarin bestaande praktijken oneindig probleemloos kunnen worden voortgezet. Een niet-duurzame vorm van samenleven, is er één die op lange termijn niet houdbaar is. Een niet-duurzame samenleving loopt uiteindelijk tegen de economische, sociaal-politieke en ecologische grenzen aan van haar activiteiten door de schadelijke (neven)effecten voor mens, natuur en/of economie. Aan duurzaamheid verwant is Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO). MVO Nederland heeft MVO als volgt omschreven: “Maatschappelijk verantwoord ondernemen betekent dat u naast het streven naar winst (profit) ook rekening houdt met het effect van uw activiteiten op het milieu (planet) en dat u oog heeft voor menselijk aspecten binnen en buiten het bedrijf (people)”. Duurzaamheid heeft drie dimensies: economisch duurzaam (winst en groei), ecologisch duurzaam (natuur en milieu) en sociaal-politiek duurzaam (welzijn en rechtvaardigheid). Duurzaamheid wordt daarom ook wel beschouwd als een synoniem van de drie P’s: People, Planet, Profit. In een duurzame samenleving wordt gestreefd naar een economie die in evenwicht is met sociaal-politieke en ecologische behoeften. Dat betekent dat al ons handelen gericht op winst en welvaart geen schade mag brengen aan natuur en milieu en de behoeften en rechten van onze medemens respecteert. Duurzaamheid gaat over een welvarende economie, behoud van onze planeet en het realiseren van een stabiele rechtvaardige wereldsamenleving. Over het algemeen wordt duurzaamheid gezien als het stellen van grenzen aan de (economische) groei en het vinden van een juiste balans tussen economie, ecologie, en samenleving enerzijds en publieke en private belangen anderzijds. Vanuit dit perspectief legt duurzaamheid beperkingen op aan onze economische activiteiten ten gunste van mens en milieu; een zero-sum game. Kiwah daarentegen benadert duurzaamheid integraal: duurzaamheid gaat over het vinden van een harmonie tussen economische belangen (profit/prosperity), ecologische belangen (planet), en sociaal-culturele belangen (people). Duurzaamheid betekent vanuit deze visie dat economische, ecologische en sociale behoeften verenigbaar zijn en niet ten koste van elkaar hoeven te gaan. Integendeel, duurzaamheid komt alle drie ten goede. Verdere economische groei is onmogelijk zonder een duurzame transformatie door te maken. Duurzaamheid is goed voor mens, milieu en economie!
In de 21e eeuw staat onze samenleving voor een aantal grote uitdagingen, zowel in ecologisch als sociaal-economisch opzicht. Op sociaal-economisch niveau hebben we te maken met een toenemend verschil tussen arm en rijk; tussen Noord en Zuid. Uitbuiting, slechte arbeidsomstandigheden, dwangarbeid, kinderarbeid, oneerlijke handel, schending van mensenrechten en discriminatie zijn helaas nog veel voorkomende praktijken. Een humanere wereldsamenleving leidt tot minder conflict, verzet (b.v. terrorisme) en betere internationale verhoudingen en is dus houdbaar op lange termijn. Op ecologisch niveau is de problematiek al niet minder. Luchtvervuiling, bodem- en waterverontreiniging, dump en gebruik van giftige stoffen, aantasting van de ozonlaag, afnemende biodiversiteit, zure regen, grootschalige ontbossing, fijnstof en smog in steden, uitputting van grondstoffen en niet te vergeten een groeiende Co2 uitstoot. Met name de laatste zal grote gevolgen hebben voor het klimaat; stijgende temperaturen, smeltende ijskappen en gletsjers, stijgende zeespiegel, meer droogtes (minder drinkwater en voedselproductie) en veranderende en extremere weersomstandigheden. Veel van deze problemen komen in essentie voort uit ons niet-duurzame consumptiegedrag. Door het consumeren en produceren van niet-duurzame producten blijven veel ecologisch schadelijke en sociaal-economisch verwerpelijke praktijken in stand. Duurzame producten daarentegen garanderen dat bij de productie rekening is gehouden met sociaal-economische en ecologische gevolgen, en dat het product zelf tijdens het gebruik niet schadelijk is voor mens, dier en milieu. Hoewel veel van ons zich bewust zijn van de sociaal-economische en ecologische impact van onze voornamelijk niet duurzame consumptiemaatschappij, handelen veel van ons desondanks niet op een volledige of enigszins duurzame manier. Dat vraagt om Kiwah!
Kiwah is ontworpen om een duurzamere samenleving een stap dichterbij te brengen. Kiwah streeft naar een sterkere positie van duurzame producten en diensten in de markt en zet bedrijven en consumenten in lokale gemeenschappen aan om duurzaam te produceren en te consumeren. Door middel van een online database maakt Kiwah inzichtelijk waar duurzame producten en diensten verkrijgbaar zijn. Op deze manier brengt zij de vraag en aanbod naar duurzame producten en diensten bij elkaar. Op langere termijn zal Kiwah een barometer (laten) ontwikkelen waarmee de mate van duurzaamheid van producten en diensten zichtbaar wordt. Ook een loyaltyprogramma staat in de planning. Een loyaltyprogramma maakt duurzaam gedrag aantrekkelijk voor consumenten en producenten. Consumenten ontvangen gratis punten, terwijl producenten hun marktpositie versterken. Kiwah stimuleert daardoor een betere wereld waarin zowel profit (winst), een beter milieu (planet) als een humanere samenleving (society) tegelijkertijd gerealiseerd worden. Kiwah streeft ernaar het geld dat ontvangen wordt met de verkoop van loyaltypunten te investeren in duurzame energie.
Adams, W.M. (2006) The Future of Sustainability. Rethinking Environment and Development in the Twenty-First Century. Report of the IUCN Renowned Thinkers Meeting http://cmsdata.iucn.org/downloads/iucn_future_of_ sustanability.pdf Brown, L. R. (1996) State of the World: 1996. A Worldwatch Institute report on progress toward a sustainable society. London: Earthscan. Brown, L.R. (2006) Plan B: Rescuing a Planet under Stress and a Civilization in Trouble. New York: W.W. Norton. For the Earth Policy Institute. Brown, L.R. (2006) Plan B. 2.0: rescuing a planet under stress and a civilization in trouble. New York: W.W. Norton. For the Earth Policy Institute. Brown, L.R. (2008) Plan B. 3.0: Mobilizing to Save Civilization. New York: W.W. Norton. For the Earth Policy Institute. Brown, L.R. (2009) Plan B. 4.0: Mobilizing to Save Civilization. New York: W.W. Norton. For the Earth Policy Institute. Brown, B.J., M.E. Hanson, D.M. Liverman, R.W. Merideth, Jr. (1987). "Global Sustainability: Toward Definition." Environmental Management, 11 (6): 713-19. Brundtland, G. H. (1987) Our Common Future; Report of the World Commission on Environment and Development (United Nations). Oxford: Oxford University Press. Available at: http://www.un-documents.net/ocf-02.htm Carson, R.L. (1962) Silent Spring. Boston: Houghton Mifflin CDIAC – Carbon Dioxide Information Analysis Centre (2009) Ranking of the world's countries by 2006 per capita fossil-fuel CO2 emission rates. US Department of Energy.http://cdiac.ornl.gov/trends/emis/top2006.cap Cohen, M. (1998). ‘Science and the environment: Assessing cultural capacity for ecological Modernization’, Public Understanding Science. 7:149–167. Daly, H.E. (1996) Beyond Growth: the Economics of Sustainable Development. Boston: Beacon Press Ernst&Young (2010) Duurzaamheid in de Aanbieding. Kansen voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen voor Retailers en hun Leveranciers. Ernst&Young, Retail & Consumer Products Sector. Dixon, J.A. & L.A. Fallon (1989). "The Concept of Sustainability: Origins, Extensions, and Usefulness for Polity", Society and Natural Resources 2: 73-84. Fisher, D.R. & W.R. Freudenberg (2001) ‘Ecological Modernization and Its Critics: Assessing the Past and Looking Toward the Future’, Society and Natural Resources 14: 701-709 Goodland, R. (1995) "The Concept of Environmental Sustainability." Annual Review of Ecology and Systematics, 26: 1-24. Gore, A. (1992) Earth in the Balance: Ecology and the Human Spirit. New York: Houghton Mifflin. IPCC (2007). ‘Climate Change 2007: Synthesis Report’. (Fourth Assessment Report) New York: United Nations. http://www.ipcc.ch/pdf/assessment-report/ar4/syr/ar4_syr.pdf Jänicke, M. (2003) ‘Industrial Transformation. Between Ecological Modernization and Structural Change. In: Jacob, K., M. Binder & A. Wieczorek (eds. ) (2004). Governance for Industrial Transformation. Proceedings of the 2003 Berlin Conference on the Human Dimensions of Global Environmental Change. Berlin: Environmental Policy Research Centre. Pp. 201-207. Langeweg, F. (red.) (1988) Zorgen voor Morgen. Nationale Milieuverkenning 1985-2010. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne (RIVM). Alphen aan den Rijn: Samsom H.D. Tjeenk Willink Le´le´, Sharachchandra M. (1991) "Sustainable Development: A Critical Review", World Development 19 (6): 607-21. Marien, M. (1994) "Visions of Sustainability: Introduction", Futures 26 (2): 115-116. Meadows, D.H., D.L. Meadows, J. Randers & W.W. Behrens III (1972) The Limits to Growth. New York: Signet (Rapport van de Club van Rome; in het Nederlands verschenen onder de titel ‘Grenzen aan de Groei’) Meadows, D.H., D.L. Meadows, J. Randers (1992) Beyond the Limits. Confronting Global Collapse, Envisioning a Sustainable Future. Vermont: Chelsea Green Publishing Meadows, D.H., D.L. Meadows & J. Randers (2004) ‘The Limits to Growth, the 30-year update’. Vermont: Chelsea Green Publishing and Earthscan. Milbrath, L.W. (1990) Envisioning a Sustainable Society: Learning our Way Out. New York: State University of New York Press. Mitcham, C. (1995) "The Concept of Sustainable Development: Its Origins and Ambivalence", Technology In Society 17 (3): 311-26. Mol, A.P.J. & D.A. Sonnenfeld (2000) Ecological modernisation around the world: An introduction', Environmental Politics, 9 (1): 1-14 The National Commission on the Environment (1992) Choosing a Sustainable Future. The Report of the National Commission on the Environment. Washington: Island Press. For the World Wildlife Foundation. Newton, J.L. and Freyfogle, E.T. (2004) ‘Sustainability: a dissent’, Conservation Biology 19: 23-32. Orr, D. (2006) ‘Framing sustainability’, Conservation Biology 20: 265-6 Paelke, R. (2005) ‘Sustainability as a bridging concept’, Conservation Biology 19: 36-8. Redclift, M. (1992) "The Meaning of Sustainable Development", Geoforum 23 (3): 395-403. Sachs, W. (1991) "Environment and Development: The Story of a Dangerous Liaison", The Ecologist, 21 (6): 252-7. Spaargaren (2008) Ecological Modernization Theory (EMT): Studying Environmental Change in Reflexive Modernity. Guest-lecture at Gent University, 18 November 2008 Sunderlin, W.D. (1995) "Managerialism and the Conceptual Limits of Sustainable Development", Society and Natural Resources, 8: 481-92. Toman, M.A. (1992) "The Difficulty in Defining Sustainability", Resources, 106 (Winter): 3-6. Wackernagel, M. & W. Rees (1996) Our Ecological Footprint: Reducing Human Impact on the Earth. Gabriola Island: New Society Publishers WRI – World Resource Institute (2009) Climate Analysis Indicators Tool. http://cait.wri.org/cait-unfccc.php Online: http://nl.wikipedia.org/wiki/Duurzame_ontwikkeling http://en.wikipedia.org/wiki/Sustainable_development http://en.wikipedia.org/wiki/Sustainability http://www.menominee.edu/sdi/whatis.htm http://duurzaamheidvo.kennisnet.nl/duurzaamheid Documentaires: An Inconvenient Truth (2006) Earth (2007) The 11th Hour (2007) The Age of Stupid (2009) National Geographic’s ‘Earth Report: State of the Planet’ (2009)
klik hier en log in met je gebruikersnaam als je dat nog niet gedaan had!
Duurzame Producten&Diensten
Duurzame Producten&Diensten in het kort
Steeds meer producten en diensten voldoen aan een of meerdere duurzaamheidscriteria. In toenemende mate worden dan ook labels en certificaten toebedeeld aan producten en diensten. Daarnaast zijn vele producten wel duurzaam maar hebben zij geen label of certificaat. Als consument zie je de bomen door het bos niet meer. Hoe duurzaam is een product eigenlijk in verhouding tot anderen en op welke dimensie is het product dan duurzaam? Kiwah heeft een database opgezet met een overzicht van duurzame producten en diensten. Tevens is direct te zien waar deze te verkrijgen zijn. Op korte termijn streeft Kiwah naar het ontwikkelen van een duurzaamheidsbarometer die in één oogopslag de duurzaamheid van een product weergeeft.
Wat zijn Duurzame Producten en Diensten?
In een tijdperk gekenmerkt door grote sociale en ecologisch uitdagingen is de behoefte aan duurzame consumptie steeds groter. VROM definieert duurzaam consumeren als ‘consumeren zonder dat het milieu daar ernstige schade van ondervindt en zonder dat mensen er onder lijden. Dat betekent dat je als consument rekening houdt met de manier waarop producten die je koopt tot stand zijn gekomen. Kortom je houdt rekening met mensen, leefmilieu en economie (…)’. Duurzame consumptie vereist echter een aanbod van duurzame producten en diensten. Dan moeten we wel weten wanneer een product duurzaam is. Producten zijn duurzaam wanneer zij bij de productie en in gebruik rekening houden met de drie dimensies van duurzaamheid: economisch duurzaam (winst en groei), ecologisch duurzaam (natuur en milieu) en sociaal-politiek duurzaam (welzijn en rechtvaardigheid). Duurzaamheid wordt immers beschouwd als een synoniem van de drie P’s: People, Planet, Profit. Duurzame producten mogen geen schade brengen aan natuur en milieu en moeten de behoeften en rechten van onze medemens respecteren. Duurzame producten dragen bij aan een welvarende economie, behoud van onze planeet en het realiseren van een stabiele rechtvaardige wereldsamenleving. Steeds meer producten en diensten voldoen aan een of meerdere duurzaamheidscriteria, bijvoorbeeld doordat de arbeiders binnen het productieproces voldoende lonen krijgen of dat er rekening gehouden wordt met water en landgebruik. Of een product voldoet aan een bepaald duurzaamsheidscriterium kan je op de verpakking vinden door te zoeken naar een duurzaamheidskeurmerk. Echter er zijn ook vele producten die geen keurmerk dragen, maar wel duurzaam zijn. We zullen dit hieronder verder toelichten. Niveaus van duurzaamheid De mate van duurzaamheid wordt op verschillende wijzen vastgesteld; keurmerken, certificeringslabels en andere bedrijfsinitiatieven. Veel van de duurzaamheidsinitatieven van de laatste tientallen jaren komen voort uit certificerings- of keurmerksystemen. Deze systemen verzekeren consumenten dat het betreffende product of dienst duurzaam is geproduceerd op nationaal of mondiaal niveau. Aan welke duurzaamheidseisen een product voldoet of door wie dit wordt gecontroleerd, varieert per keurmerk. Het niveau van duurzaamheid van gelabelde producten kan daarom sterk verschillen naar gelang het toegekende keurmerk. Voorbeelden van keurmerken of certificeringslabels zijn: Biologisch (Bio, Eko), Fairtrade/Max Havelaar, Rainforest Alliance, UTZ certified, FSC, Swan, Green Key, Blauwe Vlag, Demeter en IVN. Niet alle producten die op een bepaalde manier duurzaam geproduceerd, verpakt en/of vervoerd zijn, dragen een keurmerk of certificeringslabel. Keurmerken zijn vaak kostbaar en niet perse noodzakelijk of aanwezig/bestaand binnen een bepaalde productgroep. Er zijn verschillende initiatieven die een bepaalde garantie van duurzaamheid kunnen geven op een product, de bedrijfsvoering en het productieproces binnen een specifieke productgroep. Een voorbeeld hiervan is Starbucks die zijn eigen leveranciers van koffie beoordeelt op sociale en- milieustandaarden. Ook zijn er steeds meer multi-stakeholder initiatieven (MSI’s) die op vrijwillige basis duurzaamheidsstandaarden ontwikkelen voor hun specifieke productgroep. In deze MSI’s proberen bedrijven, vakbonden en maatschappelijke/milieu- of campagneorganisaties gezamenlijk duurzaamheid te bevorderen. Dit kan zowel op sociaal-cultureel, sociaal-economisch of milieu gebied zijn. Hoewel multi-stakeholder initiatieven gezien kunnen worden als een belangrijke stap richting duurzaamheid, kan hun blikveld soms te beperkt zijn en is hun impact op verhoogde duurzaamheid niet altijd gegarandeerd. Voorbeelden van multi-stakeholder initiatieven zijn: GlobalGAP, BSCI, SAI platform, Fair Labor Association en Initiatief Duurzame Handel (IDH). Verschillende dimensies van duurzaamheid Duurzame producten en diensten verschillen niet alleen het niveau van duurzaamheid dat is toegekend, maar verschillen ook in de dimensies waarop deze producten duurzaam zijn bevonden. Duurzaamheid heeft tenslotte zowel sociale, ecologische als economische dimensies. Verschillende organisaties hanteren verschillende aspecten van duurzaamheid bij het beoordelen van producten. Welk(e) aspect(en) dit is/zijn hangt af van de thematiek van de organisatie. Zo richt Stichting Wakker Dier of Varkens in Nood zich voornamelijk op het welzijn van dieren tijdens het productieproces. Een milieuclub richt zich meer op watergebruik, grondgebruik, afvalstoffen, gifstoffen etc., terwijl een sociale club zich meer richt op de arbeidsomstandigheden, arbeidsrechten, opleiding, en zorg voor de mens.
Waarom Duurzame Producten en Diensten?
We leven vandaag de dag in een consumptiemaatschappij. Veel van de goederen en diensten nemen we niet af om primaire behoeften te bevredigen maar zijn luxe goederen. En luxe goederen kopen we steeds meer en meer. De behoefte om massaal goederen en diensten te consumeren, het liefst tegen zo laag mogelijke prijzen, gaat gepaard met uitputting van grondstoffen, milieuvervuiling, lage lonen en slechte arbeidsomstandigheden. De wortels van de huidige niet-duurzame samenleving liggen in essentie dan ook in ons consumptiegedrag. De uitdaging is dan ook om de consumptie van duurzame goederen en diensten te stimuleren. Er gebeurt inmiddels veel op dit gebied. In de afgelopen jaren groeide de Nederlandse markt voor mens- en milieuvriendelijke producten en diensten enorm. [2 Miljoen mensen] hebben groene stroom, de afzet van biologische producten is de afgelopen 4 jaar verdubbeld, de gloeilamp is verboden, de meeste binnenverf is watergedragend, en alle nieuwe koelkasten hebben een Energielabel-A of beter. Ook gedragen we ons steeds duurzamer. Goede doelen hebben miljoenen donateurs, de meerderheid bezoekt regelmatig de papier- en glasbak en we zijn nog steeds Europees fietsland nummer 1. Er zijn steeds meer winkels die Max Havelaar koffie, watergedragende verf en EKO-wortels verkopen. Het gaat echter niet snel genoeg. Afgesproken doelstellingen worden niet gehaald. Een van de redenen is dat de goedwillende consument of winkelier niet weet welk product duurzamer is. Over veel producten is weinig bekend. Eventuele informatie over duurzaamheid is vaak moeilijk toegankelijk. Of het zit verstopt in één van de vele beeldmerken. Er zijn 80 verschillende keurmerken, allemaal met hun eigen claim. EKO, Eco, Milieukeur, Milieubarometer, Max Havelaar, Rugmark; de consument raakt hierin de weg kwijt.
Kiwah en Duurzame Producten&Diensten
Kiwah.org vindt dat iedereen moet kunnen bijdragen aan een betere wereld. Iedere stap richting duurzaamheid is voor ons een stap in de goede richting, mits er aan minimum criteria wordt voldaan. Kiwah doet zelf geen onderzoek naar de mate van duurzaamheid van producten en diensten, maar werkt samen met andere organisaties die hierin wel gespecialiseerd zijn. De Duurzame Database Om de zichtbaarheid van duurzame producten en diensten te vergroten heeft Kiwah een duurzame database ontworpen. Hoewel dergelijke initiatieven wel bestaan, zijn deze sterk versnipperd en leggen zij vaak de nadruk op slechts één of enkele aspecten van duurzaamheid. Ook het aantal producten in deze databases is in veel gevallen erg beperkt. Kiwah’s duurzame database tracht alle bestaande duurzame producten en diensten onder één dak te brengen. In de duurzame database worden de volgende producten opgenomen: 1. producten die een duurzaamheidskeurmerk dragen; denk aan FSC, Fair Trade, Bio, UTZ etc. In de database is dit zichtbaar gemaakt door achter het betreffende product te vermelden welk(e) keurmerk(en) het product of de dienst draagt. Voor een totaal overzicht van alle bij ons bekende duurzaamheidscertificaten of keurmerken klik hier. 2. producten die geen duurzaamheidskeurmerk dragen, maar door samenwerkende organisaties als voldoende duurzaam worden beschouwd. In de duurzame database ‘winkels & Producten’ is dit zichtbaar gemaakt door achter het betreffende product te vermelden welke organisatie deze als voldoende duurzaam beschouwd. Voor een overzicht van samenwerkende organisaties klik hier. Een aantal producten is bij voorbaat uitgesloten van de vermelding in de database. Dit zijn producten zoals tabak, aanstootgevend materiaal, wapens en goedkoop amusement. Kiwah vindt het belangrijk dat community leden producten en winkels kunnen aandragen om opgenomen te worden in de database1. Wij kunnen vanuit ons hoofdkantoor namelijk niet inzien of de buurtbakker in Venray biologisch brood verkoopt of dat de aardbei-boer in Lisse duurzaam geteelde aardbeien bij de boerderij zelf verkoopt. Bij het invoeren van nieuwe producten en winkels is het belangrijk dat er vermeld wordt of het product een keurmerk draagt en zo ja welke. Mocht het zo zijn dat een product geen keurmerk draagt, maar wel duurzaam is geproduceerd is het belangrijk om betreffende claims te controleren. Dit kunnen community leden zelf doen door bepaalde rapportages op te vragen. De productnaam en gegevens van de producent kunnen ook doorgegeven worden aan Kiwah.org die dit weer doorspeelt aan de samenwerkende organisaties die hier gespecialiseerd in zijn. Mocht er een winkel/bedrijf worden toegevoegd die duurzame producten of diensten verkoopt, dan is het belangrijk dat er aan de winkel/het bedrijf wordt toegevoegd welke producten of diensten dit zijn. Voor een handleiding over het invoeren van nieuwe duurzame producten in de database, klik hier.
Op de langere termijn zal Kiwah een meetinstrument voor de mate van duurzaamheid (laten) ontwikkelen; een barometer. Een barometer introduceert een score voor elk product en een ‘ranking’ voor alle producten. Een barometer maakt het mogelijk om producten onderling te vergelijken op hun mate van duurzaamheid en deze in te delen van minst tot meest duurzaam. Het is daarvoor noodzakelijk om voor alle keurmerken en certificeringen vast te stellen wat deze zeggen over de mate van duurzaamheid van de producten op verschillende dimensies van duurzaamheid. Kiwah zal bij de ontwikkeling van de duurzaamheidsbaromter, producten in een aantal categorien ordenen: 1.GROEN: bestaande uit producten met bonafide keurmerken gericht op actieve consumenten, aangevuld met andere duurzame producten en diensten 2.BLAUW: producten met een lage milieu-intensiteit per uitgegeven Euro 3.GEEL: bestaat uit producten met een gemiddelde milieu-intensiteit per uitgegeven Euro 4.GRIJS: bestaat uit producten met een hoge milieu-intensiteit per uitgegeven Euro Daarnaast werken we met de kleur ROOD voor duurzaam en sociaal gedrag. We werken dit hieronder uit. GROEN GROEN bestaat uit individuele producten en diensten (op barcode niveau) die nadrukkelijk duurzaam onderscheiden. Dit zijn producten die: - Een erkend milieu- of sociaal keurmerk hebben of die door een betrouwbare instantie in een ander kader op duurzaamheid zijn gecontroleerd - Isolatieproducten en hernieuwbare energie-installaties, zoals zonnecollectors, PV, biovergassing, windmolens, waterkracht, warmtepomp, etc. - Groener en schoner vervoer, zoals openbaar vervoer, taxi en watertaxi, autoverhuur, autodelen, en fietsenkoop, reparatie, verhuur en stalling. - Hergebruik en reparatie: 2e hands goederen (niet elektrisch), reparatie (schoenmakers, kledingmakers, etc), verhuur (kleding, gereedschap, etc) Alle producten met een bonafide keurmerk staan op de lijst, alsmede alle producten en diensten die in het kader van een ander programma gericht op duurzaamheid door een betrouwbare instantie worden gecontroleerd. Om een keurmerk te mogen gebruiken moeten de producten aan bepaalde eisen voldoen. Wij beperken ons tot keurmerken die rekening houden met duurzaamheid en keurmerken die nadrukkelijk tot doel hebben de arbeidsomstandigheden in de wereld te verbeteren. Naast producten met een keurmerk valt ook te denken aan de producten van bepaalde ketens. Voorbeelden zijn: Milieukeur, Ecolabel, de Zwaan, Der Blaue Engel, EKO-keur, Demeter, PVE/IKB Scharrelvarkensvlees (niet het standaard PVE/IKB) Energielabel-A, FSC en Keurhout-Keur, Erkend Streekproduct, Groenestroom, het HR-keur voor gasinstallaties, Max Havelaar , Oké Keurmerk, Rugmark, etc. We sluiten hier aan bij de indeling op www.keurmerken.info. Voorbeelden van lijsten van producten en merknamen die door een betrouwbare instantie in een ander kader op duurzaamheid zijn gecontroleerd zijn: De (20%) zuinigste apparaten binnen het Energielabel, Groene stroom zoals gedefinieerd in de Regulerende Energiebelasting, Groene fondsen (die in aanmerking komen voor de ), producten van Fair Trade, etc. BLAUW en GEEL Het is ondoenlijk om voor elk individueel product de milieudruk te bepalen. Daarom werken we binnen de consumptiedomeinen met productgroepen. Het Centraal Bureau voor de Statistiek brengt alle producten onder in 350 groepen. Het gaat dan om categorieën als Rijst, Aardappelen, Zuurkool, Meisjesjassen, Dameskousen, Transportdiensten, Bevroren vis, Parket, Kabels, Elektrische naaimachines, Schoolgeld, Trein, etc. Wij nemen deze indeling over. Voor deze productgroepen heeft het RIVM (en anderen) de milieudruk doorgerekend op tien 'milieustressors': factoren die de ecosystemen of onze gezondheid onder druk zetten, zoals broeikasgasemissies, verzurende emissies, land- vis- en watergebruik, en geluid. Wij hebben deze stressors ingedeeld naar drie hardnekkige milieuproblemen: - Klimaataantasting, met als stressor de emissie van broeikasgassen. - Verlies aan biodiversiteit en overbelasting van natuurlijke hulpbronnen. Hiervoor kennen we zes stressors – namelijk landgebruik, verzuring, vermesting, hout-, vis- en watergebruik. - Gezondheidsbedreiging. Hiervoor zijn drie stressor – namelijk smog, bestrijdingsmiddelen en geluid. (Nb: De indicatoren zijn door het RIVM gekozen op grond van relevantie én van beschikbaarheid van gegevens. Verbetering hierin is zeker mogelijk.) We gebruiken de milieudruk per bestede euro als indicator. De milieulast van zo'n product is de som van een hele keten. Het gaat ons dus om de milieudruk van wieg tot graf (zie ondermeer Goedkoop c.s.: Environmental load from private Dutch Consumption, Tsukuba Paper, PRé/RIVM, 2002). Producten uit productgroepen die laag scoren op de milieuproblemen Klimaataantasting, Biodiversiteit/overbelasting en Gezondheidsbedreiging krijgen meer beloning dan producten die hoger scoren. Daarbij verdelen we alle productengroepen in quartielen. Producten in de slechts scorende helft krijgen geen punten. Producten in het op 1-na beste quartiel krijgen 1% spaarwaarde uitgekeerd. En producten in het beste quartiel krijgen 2% spaarwaarde uitgekeerd punten. Andere indelingen en systeem zijn uiteraard mogelijk, zoals een glijdende schaal of een andere spaarwaarde. ROOD: Verandering van het dagelijkse gedrag Bij verandering van dagelijkse gedrag van burgers denken we aan: - Het gescheiden inleveren van afval - Naar de winkel gaan op de fiets en niet met de auto - Een trui aantrekken als het koud wordt en niet meteen de verwarming omhoog - Geen uur onder douche staan om wakker te worden - De was drogen aan de lijn en niet in de wasdroger Er zijn vele voorbeelden meer. Vaak is gedrag en gedragsverandering niet goed te controleren. Daarom is een beperking aangebracht voor gedrag dat op directe of indirecte wijze valt te meten (denk hier aan gasmeters en APK-controles). We komen dan op het volgende voorstel: - Afvalreductie en afvalscheiding. Burgers die hun afval reduceren of beter scheiden aanleveren, krijgen een beloning van x aantal punten. Afvalreductie is heel goed te meten in Diftar-gemeentes (Bij diftar wordt per huishouden geregistreerd hoeveel afval aangeboden wordt. In 2006 woonde 17,4 procent van de Nederlanders in een diftargemeente. Het aantal gemeentes stijgt). Afvalscheiding is goed te meten in gemeentes met brengstations en milieustraten. - Vermindering van het gebruik van elektriciteit, gas en water. Elk jaar wordt voor elk huishouden gemeten hoeveel elektriciteit, gas, water er is verbruikt. Het verbruik in het laatste jaar kan worden vergeleken met het verbruik van het jaar daar direct aan voorafgaand, gecorrigeerd voor seizoensinvloeden. Vervolgens geld: elk kilowattuur minder verbruik levert x punten op, elke kubieke meter gas minder verbruik levert y punten op, elke kubieke meter water levert z punten op. Hiervoor is samenwerking met de meetbedrijven handig. Ook kan de vergelijking worden gemaakt met soortgelijke huishoudens, in plaats van met het eigen huishouden. - Vermindering privé-gebruik van de auto. Een soortgelijke redenering kan worden opgehouden voor het gebruik van de privé-auto. Elk jaar wordt met de APK-keuring gemeten hoeveel kilometers zijn gereden. Het aantal kilometers in het laatste jaar kan worden vergeleken met jaar ervoor. Vervolgens geld: elke kilometer minder vervoer levert x punten op. Dit is lastiger te meten en afhankelijk van medewerking van belanghebbenden. - Betaling van vrijwilligerswerk (denk aan maatschappelijke taken, buurt- en opbouwwerk, onderhoud van gemeentelijke tuinen, leesgroepjes op basisscholen kringloopwinkels, etc.) Consumptiedomeinen We willen oplossingen bieden voor de zeven (door het RIVM benoemde) consumptiedomeinen. Dit soort domeinen is nauw verbonden met fundamentele behoeften. Binnen elk domein willen we consumenten laten kiezen voor de minder belastende optie. We kennen de volgende domeinen: 1. Domein Voeden: denk hierbij aan aardappelen en taartjes, kersen en blikjes cola, maar ook aan het restaurant, catering, aan 2% van je aardgas, 28% van je elektriciteitsrekening en 9% van je auto. 2. Domein Kleden: denk aan sokken en schoenen, maar ook aan wasmiddel, 50% van je strijkijzer, was- en droogmachine, en acht procent van je elektriciteitsrekening. 3. Wonen ofwel inrichting: je potten verf, de vaas bloemen, boekenkast, heesters en coniferen, allesreiniger, je bed en beddengoed, je tapijt en tegels, feestslingers, de klok en de andere helft van je was- en droogmachine. 4. Woning: denk hierbij aan de huur en hypotheek, dakreparaties, de cv, gemeentebelastingen, 80% van je gas en eenderde van je elektriciteit. 5. Persoonlijke verzorging: denk aan water, de pil, je gel, de kapper, billendoekjes, luiers, 18% aardgas en 16% van je elektriciteit. 6. Vrije tijd: denk aan romans, video, camera, sigaren, de telefoon, de poes, het tennisracket, 40% van je fiets, ander vervoer, vakantie en weer 16% van je elektriciteit. 7. Arbeid en opleiding: denk aan school, universiteit, boeken en dictaten, 40% van je fiets, 44% auto en de helft van je treinkilometers. De milieudruk van de domeinen loopt niet parallel aan de bestedingen. De gemiddelde productscore (uitgedrukt in milieudruk per bestede euro) verschilt namelijk sterk per domein. Een kastomaat of een pakje thee of cacao van Albert Heijn (domein Voeden) scoort veel beroerder in milieudruk per euro dan een uur vioolles bij de lerares in je wijk (Vrije Tijd) of een nieuwe inbraakverzekering (Wonen). We kijken steeds per consumptiedomein. Iedereen moet eten en het beloningssysteem stuurt naar voedsel met een lager milieubelasting. En iedereen moet zijn huis verwarmen, en het beloningssysteem stimuleert hernieuwbare bronnen.
klik hier en log in met je gebruikersnaam als je dat nog niet gedaan had!
Loyaltyprogramma's
Loyaltyprogramma's in het kort
In een loyaltyprogramma geven winkeliers bonuspunten weg aan consumenten bij de aanschaf van producten. Loyaltyprogramma’s hebben voordelen voor zowel consument als winkelier. Consumenten ontvangen gratis punten die zij kunnen inwisselen voor producten of diensten. De winkelier trekt nieuwe klanten aan en bindt bestaande klanten. Het loyaltyprogramma van Kiwah maakt verkoop en consumptie van duurzame producten commercieel aantrekkelijk. Hierdoor wordt de positie van duurzame producten in de markt versterkt. Het verkrijgen van bonuspunten maakt duurzame producten aantrekkelijk voor de consument. Winkeliers versterken hun duurzame imago. Ook hebben zij een nieuw marketing instrument in handen.
Loyaltyprogramma’s hebben tot doel klanten te trekken en te binden aan een winkelier. Dit door het weggeven van bonuspunten bij de aanschaf van producten en diensten. Consumenten ontvangen deze bonuspunten bijvoorbeeld in de vorm van zegels, stempels of digitaal op een spaarpas. Wanneer de consument voldoende spaarpunten heeft (en dus meerdere malen de betreffende winkelier heeft bezocht) kan hij deze inwisselen voor cadeautjes of uitgeven aan een van te voren vastgesteld assortiment van producten. In tegenstelling tot een korting (een vermindering van de prijs van een product of dienst) die tijdelijk consumenten lokt, hebben bonussen het voordeel dat zij consumenten stimuleren regelmatig terug te komen. Bonuspunten creëren een stimulans om loyaal te blijven en klant te worden van een winkel die deelneemt aan een loyaltyprogramma. Dit omdat consumenten bij andere winkels bonuspunten mislopen. Een zeer bekend loyaltyprogramma is Airmiles. Airmiles (ook wel bekend onder de naam Frequent Flyer Miles) werd halverwege de jaren 80 en begin jaren 90 geïntroduceerd in Groot-Brittannië, Canada, Spanje en Nederland. Airmiles werd een groot succesverhaal en verdiende de kosten van het programma terug met een factor 4! Winkeliers die aangesloten waren bij het loyaltyprogramma zagen hun klantenbestand groeien en hun winst stijgen. Als reactie daarop ontstonden al snel vergelijkbare loyaltyprogramma’s zoals Freebees en Rocks in Nederland en bijvoorbeeld Tesco’s Clubcard en de Nectar Card in Groot-Brittannië. Al deze programma’s hebben overeen dat zij gewenst gedrag (het kopen van producten bij de aangesloten winkel) belonen met bonuspunten.
De meeste loyaltyprogramma’s hebben enkel een commerciële insteek. Zij zijn erop gericht om bepaalde winkels en producten sterker in de markt te zetten, bestaande klanten vast te houden en nieuwe klanten aan te trekken; de winst wordt vergroot! Loyaltyprogramma’s kunnen echter ook zodanig ontworpen worden dat zij duurzamer consumentengedrag stimuleren! In het geval van commerciële loyaltyprogramma’s krijgen consumenten bonuspunten op de aanschaf van niet-noodzakelijkerwijs-duurzame producten. Deze bonuspunten kunnen vervolgens ook besteed worden aan niet-noodzakelijkerwijs-duurzame producten. Dat kan natuurlijk anders. Om duurzaamheid (zowel aanbod als consumptie van duurzame goederen en diensten) te stimuleren zijn er in de laatste tien jaar duurzame loyaltyprogramma’s opgezet waarbij consumenten alleen (extra) bonuspunten op duurzame producten verkregen en/of deze bonuspunten alleen konden besteden aan duurzame producten. CarbonCred en Nu Spaarpas zijn hiervan twee voorbeelden. CarbonCred was een in 2007, door Duncan Stewart geïntroduceerd loyaltyprogramma in het Verenigd Koninkrijk. Met elke online aankoop bij één van de 1000 webshops die CarbonCred accepteerden, ontvingen consumenten ‘carboncredits’. Om in aanmerking te komen voor ‘carboncredits’ hoefde de aankoop niet duurzaam te zijn. De punten konden worden verdiend in winkels zoals Marks&Spencer, John Lewis, Argos, Dixons en reisbureau lastminute.com. Het unieke (en duurzame aspect) van dit loyaltyprogramma was dat de punten alleen aan duurzame producten konden worden besteed. Het ging hierbij om producten zoals vouwfietsen, spaar- en LED-lampen, energiezuinige boilers, een LPG installatie voor de auto en het betalen van de (groene) energierekening bij EON. Ook konden de carboncredits geïnvesteerd worden in Co2 reductieprogramma’s. CarbonCred stelde op deze manier de klant in staat zijn ‘Co2 voetafdruk’ te verkleinen. Nu Spaarpas was een EU-gesubsidieerd loyaltyprogramma in Rotterdam in 2002 en 2003. Het was opgezet als een 1,5 jaar durend proefproject waaraan 10.000 pashouders en 110 winkeliers deelnamen en waarin uiteindelijk 9 miljoen punten circuleerden. Nu Spaarpas werd gerealiseerd door stichting Points in samenwerking met de Rabobank, Roteb en Gemeente Rotterdam. In tegenstelling tot Carboncred stimuleerde Nu-Spaarpas duurzaam consumentengedrag op twee manieren. Consumenten ontvingen Nu-punten bij de aanschaf van producten en diensten en konden deze punten alleen besteden aan duurzame producten en diensten. Bij de aanschaf van duurzame producten en diensten ontving de consument extra punten. Ondernemingen (met een focus op het Midden en Klein Bedrijf - MKB) en overheidsinstanties gaven de Nu-punten weg als beloning voor gewenst gedrag en consumenten konden hier ook hun punten verzilveren. Punten konden bijvoorbeeld worden verdiend door afval naar het gemeentelijke afvalpunt te brengen of door producten te kopen bij participerende winkeliers . De aanschaf van duurzame producten werd gestimuleerd door vier maal zo veel Nu-punten aan deze producten toe te kennen. Onder deze duurzame producten en diensten vielen onder andere energie-efficiënte en Fair Trade producten, reparaties, fietsen, groene financiële producten en tweedehands goederen. De punten konden worden ingewisseld voor openbaar vervoer, kunst en cultuur (musea), dierentuin, etcetera. Nu-spaarpas kaarthouders konden daarnaast ook hun punten besteden aan duurzame ‘specials’ in participerende winkels. Dit maakte het programma ‘groen voor groen’. Elke besteedde euro had een dubbel duurzaam effect. Het project toonde aan dat duurzame loyaltyprogramma’s evenals commerciële loyaltyprogramma’s effect hebben in het sturen van consumentengedrag. Een Nu-Spaarpas kaarthouder bezocht bijvoorbeeld drie keer vaker in een jaar het gemeentelijk afvalpunt dan voorheen het geval was, wat resulteerde in een aanzienlijke kostenbesparing (€50 per bezoek) voor het gemeentelijk afvalbedrijf. Het programma gaf het MKB een afzetmarkt voor duurzame goederen. Aan het einde van het project hadden verscheidene winkeliers hun assortiment aangepast; ze verkochten meer duurzame producten en diensten. Het project werd door EU-LIFE beoordeeld als één van de beste 10 projecten dat jaar. Nieuwe projecten volgden: E-Portemonnee in België en Success (City Carbon Card) in Groot-Brittannië.
Kiwah is een initiatief dat tot doel heeft mensen aan te zetten om duurzaam te consumeren. Een duurzaam loyaltyprogramma kan hierin bijdragen, en Kiwah streeft er dan ook naar deze in een later stadium te introduceren. In dit loyaltyprogramma zijn Kiwahs zijn punten die je als consument kan verdienen door duurzame goederen en diensten te kopen bij winkels die Kiwahs uitgeven. Om als winkelier Kiwahs als bonuspunten weg te kunnen geven, moet je deze Kiwahs eerst aanschaffen bij de Kiwah organisatie. Het geld dat Kiwah.org hiermee verdient, zal geïnvesteerd worden in duurzame energieprojecten. Wanneer je als consument Kiwahs ontvangt, zullen deze door middel van een terminal en een pas bijgeschreven worden op jouw online Kiwah-bankrekening. In de winkel en via de Kiwah website kunnen Kiwahs worden ingewisseld voor duurzame producten en diensten . Deze winkels en hun producten en diensten zijn gemakkelijk en snel te vinden in de Kiwah database: Winkels&Producten. Eveneens kun je de Kiwahs inwisselen voor Euro’s. Je hebt in plaats van bonuspunten dan als het ware een korting gekregen op je aankopen. Er zijn echter wel kosten verbonden aan het inwisselen van Kiwahs voor Euro’s. Het is daarom voordeliger deze te besteden aan duurzame producten of om er mee te betalen voor producten op de marktplaats. Het unieke van Kiwahs is namelijk dat zij niet alleen loyaltypunten zijn, ze fungeren eveneens als een nieuw betaalmiddel (geld complementair aan de euro). Op de online Marktplaats is het mogelijk om producten en diensten te verhandelen met Kiwahs als betaalmiddel. Een Kiwah loyaltyprogramma zal zowel commerciële als duurzame voordelen voor iedereen hebben. Commercieel is het aantrekkelijk voor winkeliers om Kiwahs als bonuspunten weg te geven omdat het klanten aantrekt en vasthoudt. Het accepteren van Kiwah’s als betaalmiddel vergroot het potentieel aantal klanten (de afzetmarkt); ook Kiwah pashouders kunnen er dan terecht met hun Kiwahs. Vernoemd worden in de Kiwah database levert zichtbaarheid op voor de winkelier en zijn producten en diensten. Bovendien is Kiwah een manier van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) wat het imago verbetert en de concurrentiepositie versterkt. Dat betekent dat winkeliers hun winst zullen zien toenemen wanneer zij participeren in het Kiwah programma. Kiwah is dus een interessant marketinginstrument voor winkeliers. Het voordeel voor consumenten is vanzelfsprekend dat zij gratis Kiwahs ontvangen waarmee zij duurzame producten en diensten kunnen aanschaffen. Tegelijkertijd draagt het Kiwah loyaltyprogramma op drie manieren bij aan een duurzamere samenleving. Het creëren van Kiwah’s gaat gepaard met het opwekken van duurzame energie. Het Kiwah loyaltyprogramma stimuleert consumenten om duurzame producten aan te schaffen, aangezien zij Kiwahs als bonus krijgen. Wanneer consumenten eenmaal Kiwahs in bezit hebben kunnen en zullen zij die verzilveren voor duurzame producten en diensten. Omdat duurzame producten, ecologische, economische en sociale aspecten van productie en gebruik in ogenschouw nemen, leveren zij een bijdrage aan een duurzamere wereld.
Butscher, S.A. (2002) Customer Loyalty Programs and Clubs. Gower Publishing (2nd edition). Clark, R. & P. Clark (2010) The Loyalty Guide. Volume 4. The Wise Marketeer. Gitomer, J. (1998) Customer Satisfaction is Worthless, Customer Loyalty is Priceless: How to Make Them Love You, Keep You Coming Back, and Tell Everyone They Know. Bard Press (1st Edition) Griffin, J. (2002) Customer Loyalty. How To Earn It, How To Keep It. Jossey-Bass Publishers Hayes, B.E. (2009) Beyond the Ultimate Question: A Systematic Approach to Improve Customer Loyalty. American Society for Quality Press Van Hilten, R. & E. Kampers (2009) ‘The City Carbon Card. A Feasibility Study’ In assignment of the Belfast City Council and the Points Foundation Hugher, A.M. (2003) The Customer Loyalty Solution: What Works (and What Doesn’t) in customer Loyal Programs. McGraw-Hill Humby, C., T. Hunt & T. Phillips (2004) ‘Scoring Points: How Tesco Continues to Win Customer Loyalty. Kogan Page (2nd Edition) Linder, J. & G. Zichermann (2010) Game-Based Marketing: Inspire Customer Loyalty through Rewars, Challenges, and Contests. Wiley Raye, J. & N. Raphel (1998) Loyalty Marketing Resouce Book. Raphel Marketing. Reichheld, F.F. (2003) Loyalty Rules: How Today’s Leaders Build Lasting Relationships. Harvard Business Press (1st Edition) Reichheld, F.F. (2001) The Loyalty Effect: The hidden Force Behind Growth, Profits, and Lasting Value. Harvard Business Press Sällberg, H. (2010) Customer Rewards Programs: Designing Incentives for Repeated Purchase. Lambert Academic Publishing Van Sambeek, P. & E. Kampers (2004) ‘Nu-Spaarpas. Het Duurzame Beloningssysteem’ Seyfang, G. (2008) The New Economics of Sustainable Consumption: Seeds of Change. Basingstoke: Palgrave MacMillan Woolf, B.P. (2001) Loyalty Marketing: The Second Act. Teal Books Online: http://www.customerthink.com/blog/key_steps_successful_loyalty_program http://en.wikipedia.org/wiki/Loyalty_program http://en.wikipedia.org/wiki/Incentive_Program
klik hier en log in met je gebruikersnaam als je dat nog niet gedaan had!
Duurzame Energie
Duurzame energie is energie opgewekt uit energiebronnen die op de lange termijn niet schadelijk zijn voor economie, mens en milieu. Dit betekent dat duurzame energie niet alleen het hernieuwbare aspect van energiebronnen in ogenschouw neemt, maar ook vervuiling, Co2 uitstoot, en sociale en economische gevolgen van het gebruik van energiebronnen. Het gebruik van fossiele brandstoffen maakt onze economie afhankelijk van olieproducerende landen en de toevoer van energie onzeker. Bovendien zijn fossiele brandstoffen slecht voor het milieu en draagt Co2 uitstoot bij aan klimaatverandering. Kiwah investeert de opbrengsten uit het loyaltyprogramma in duurzame energie projecten. Zo draagt Kiwah bij aan de lokale productie van schone onuitputtelijke energie.
Duurzame energie is energie opgewekt uit energiebronnen (of grondstoffen) die op de lange termijn niet schadelijk zijn voor economie, mens en milieu. We spreken dus gemakshalve van duurzame energie, terwijl in feite niet de energie zelf, maar de energiebron duurzaam is; de energie opgewekt uit duurzame grondstoffen verschilt uiteraard niet van de energie opgewekt uit niet-duurzame energiebronnen. Fossiele brandstoffen (kolen, olie, gas en hout) zijn voorbeelden van niet-duurzame grondstoffen van energie. Immers, de vervuiling en Co2 uitstoot die gepaard gaat met de verbranding van deze grondstoffen is schadelijk voor de gezondheid en brengt onherstelbare schade aan het milieu (people-planet). Dit maakt het leven op lange termijn onmogelijk. Fossiele brandstoffen zijn bovendien ‘eindige’ vormen van grondstoffen voor energie, wat de welvaart en het welzijn van toekomstige generaties in het gedrang brengt (profit/prosperity). In het Engels wordt dit aspect benadrukt: er wordt doorgaans over ‘renewable energy resources’ (hernieuwbare energiebronnen) gesproken om duurzame energie aan te duiden en niet over ‘sustainable energy’. Hernieuwbare energie is opgewekt uit energiebronnen die van nature sneller opnieuw aangevuld worden dan dat zij worden gebruikt, zodat de continuïteit van energieopwekking is gegarandeerd. Olie en gas vallen zodanig niet onder hernieuwbare energie. In het Nederlands wordt duurzame energie vaak in enge zin opgevat als hernieuwbare energie. Bij Kiwah interpreteren we duurzame energie in ruime zin, en nemen we niet alleen het hernieuwbare aspect in ogenschouw, maar ook vervuiling, co2 uitstoot, en sociale en economische gevolgen van het gebruik van energiebronnen. Duurzame vormen van energie zijn zonnewarmte, zonlicht, waterkracht, wind, aardwarmte en biomassa . Door middel van hulpmiddelen zoals zonnepanelen, windmolens en waterkrachtcentrales kunnen we eindeloos energie onttrekken aan deze energiebronnen. Het opwekken van dergelijke energie schaadt mens noch milieu. De essentie van duurzame energie is dat de manier waarop de energie opgewekt wordt op lange termijn houdbaar is. De doelstelling van de Nederlandse overheid is om twintig procent van alle verbruikte energie in Nederland in 2020 duurzaam op te wekken.
Energie is de zuurstof van onze beschaving. Hele samenlevingen zijn afhankelijk van de toevoer van energie (en grondstoffen) voor hun welvaart en het functioneren van de economie. Zonder een gegarandeerde toevoer van energiebronnen zouden sociale onrust en economische teruggang onvermijdelijk zijn. Het is daarom niet verwonderlijk dat samenlevingen over de gehele wereld in een strijd verwikkeld zijn om schaarse fossiele brandstoffen. Dit is in toenemende mate relevant in een wereld waar de schaarste van fossiele brandstoffen sterk toeneemt. Wereldvoorraden raken langzaamaan uitgeput. Olie en gasproducenten kunnen de toenemende vraag (met name veroorzaakt door nieuw industrialiserende landen als China en India) niet aan. De tijd van ‘Peak Oil nadert. De gevolgen van deze toenemende schaarste betekent niet alleen hogere prijzen van fossiele brandstoffen, maar ook grotere onzekerheid over de toevoer hiervan. In toenemende mate worden samenlevingen bedreigd door een tekort aan energiebronnen. Maar het is uiteraard niet alleen energieschaarste die onze samenlevingen op langere termijn bedreigt. Klimaatverandering en schade aan het milieu noodzaakt ons afstand te doen van vervuilende fossiele brandstoffen en over te stappen op schone duurzame energiebronnen. De laatste decennia zijn we getuige van een toenemend bewustzijn van ecologische problemen met aandacht voor klimaatverandering in het bijzonder. Het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) heeft aangetoond dat klimaatverandering inmiddels onvermijdelijk is, en (grotendeels) het gevolg van menselijke activiteit. Klimaatverandering resulteert in een stijgende zeespiegel, extreme droogtes en extreme weersomstandigheden. Toenemende verwoestijning, overstromingen en orkanen in recente jaren zijn hiervan duidelijk zichtbare voorbeelden. Consumptie van fossiele brandstoffen brengt klimaatverandering met zich mee, aangezien het gebruik van fossiele brandstoffen voor het opwekken van energie resulteert in de uitstoot van broeikasgassen (met name Co2). We hebben een internationale verantwoordelijkheid om onze uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Onder het Kyoto Protocol (van de UNFCCC) heeft Nederland zelfs een internationale (bindende) verplichting om de Co2 uitstoot met 6% te verminderen tussen 2008 en 2012 (t.o.v. het niveau van 1990). Onze samenleving kan niet oneindig afhankelijk blijven van fossiele brandstoffen als de bron van onze energie, voor zowel ecologische als economische redenen. Wetende dat fossiele brandstoffen schadelijk zijn voor het milieu en in de komende decennia grotendeels uitgeput zullen zijn, is investeren in duurzame energie absolute noodzaak. Duurzame energie is een antwoord op beide problemen aangezien het zowel schoon (Co2 neutraal) als in overvloed beschikbaar is. Helaas zijn onze overheden niet in staat of niet bereid op grote schaal te investeren in duurzame energie. Dat betekent dat we het zelf moeten doen!
Kiwah streeft ernaar een loyaltyprogramma gericht op duurzame producten en diensten vorm te geven. Een dergelijk loyaltyprogramma draagt bij aan een schonere en energie-zekere samenleving door de uitgifte van Kiwah’s. Kiwah’s zijn loyaltypunten die consumenten als bonus ontvangen van hun winkelier bij aankoop van duurzame producten en diensten . Kiwah’s zijn niet gecreëerd uit het niets; voor elke Kiwah in omloop is een kilowattuur duurzame energie opgewekt. De Euro’s die winkeliers inwisselen bij de Kiwah-organisatie worden geïnvesteerd in duurzame energie; de bouw van windturbines op zee, of zonnepanelen op daken bijvoorbeeld. Om dit te realiseren streeft de Kiwah-organisatie ernaar overeenkomsten te sluiten met partijen als Meewind (initiatiefnemer van de bouw van windmolenparken op de Noordzee), Windvogel, Zeekracht (bouw windmolenparken op de Noordzee) en Zeeuwind (bouw van windmolens en zonnepanelen op daken in de provincie Zeeland). Voor elke opgewekte kilowattuur krijgt de winkelier één Kiwah uitgekeerd. Door Kiwah’s als bonuspunten weg te geven aan consumenten, versterkt de winkelier de loyaliteit van bestaande klanten en trekt hij nieuwe klanten aan. Zodanig draagt Kiwah bij aan de opwekking van duurzame energie!!
British Petroleum (2008) Statistical Review of World Energy 2008. British Petroleum. Central Intelligence Agency (2009b) The World Factbook – World https://www.cia.gov/library/publications/the-world-factbook/print/xx.html European Commission (2006) World Energy Technology Outlook 2050. European Commission. Energy Information Administration (2009) International Energy Outlook 2009. Washington: US Department of Energy. http://www.eia.doe.gov/oiaf/ieo/pdf/0484(2009).pdf Heyes, A.G. & C. Liston-Heyes (1995) "Sustainable Resource Use: The Search for Meaning", Energy Policy, 23 (1): 1-3. International Energy Agency (2008) Key World Energy Statistics 2008. Organization for Economic Cooperation and Development (OECD) IEA - International Energy Agency (2008) World Energy Outlook 2008. Organization for Economic Cooperation and Development (OECD) Tuathail, G.O. (1999) Understanding Critical Geopolitics: Geopolitics and Risk Society, The Journal of Strategic Studies, 22 (2): 107-124 Online: http://nl.wikipedia.org/wiki/Duurzame_energie http://www.milieucentraal.nl/pagina.aspx?onderwerp=Duurzame%20energiebronnen http://www.duurzame-energiebronnen.nl/ http://wetenschap.infonu.nl/onderzoek/31001-onderzoek-naar-de-beste-duurzame-energiebronnen.html http://financieel.infonu.nl/beleggen/31272-op-weg-naar-een-nieuwe-energie-economie.html http://wetenschap.infonu.nl/onderzoek/31273-peak-oil-nader-bekeken.html http://www.pwc.com/nl/nl/renewables/duurzame-energiebronnen.jhtml http://tonto.eia.doe.gov/energyexplained/index.cfm?page=about_home
klik hier en log in met je gebruikersnaam als je dat nog niet gedaan had!
Complementary Currencies
Complementair Geld in het kort
Complementary currencies zijn geldeenheden die wij gebruiken als aanvulling op ons wettelijk betaalmiddel, de euro. Complementair geld wordt in tegenstelling tot ons gewone geld niet door banken in omloop gebracht of onder autoriteit van de overheid, maar door particuliere burgers, bedrijven en NGO’s. Complementair geld dient daarbij meestal een specifiek, sociaal of commercieel doel. De loyaltypunten die Kiwah uitgeeft kunnen worden beschouwd als complementair geld. Gebruikers kunnen hun Kiwahpunten niet alleen inwisselen voor producten in winkels. Kiwahs kunnen ook worden gebruikt als betaalmiddel voor het uitwisselen van goederen en diensten tussen gebruikers onderling. Dit is mogelijk op de online marktplaats. In tegenstelling tot conventioneel geld, leidt het gebruik van Kiwahs tot een duurzame wereld.
Geld is een verzamelnaam voor alle algemeen aanvaarde ruilmiddelen binnen een groep van mensen, voor het verhandelen van de meeste, zo niet alle goederen en diensten. Complementair geld is een verzamelnaam voor alle ruilmiddelen (geld) die bestaan naast ons conventionele geld zoals de Euro, de Dollar en de Yen. Complementair geld is dus al dat geld dat niet ons wettig betaalmiddel is maar wel een algemeen geaccepteerd ruilmiddel. Een wettig betaalmiddel is een door de overheid aangewezen geldsoort die als geldig is verklaard voor het afhandelen van betalingen. Dat betekent dat het als betaalmiddel moet worden geaccepteerd bij het vereffenen van een schuld. Daarnaast geldt het als het officiële betaalmiddel voor de belastingen. Al het nationale geld is doorgaans het wettig betaalmiddel voor het betreffende land. Dat betekent niet dat complementair geld per definitie een illegaal betaalmiddel is. Het betekent simpelweg dat een schuldeiser complementair geld niet hoeft te accepteren als betaalmiddel, maar dat wel degelijk mag accepteren als hij daarmee instemt. Het is dus niet verplicht betalingen af te handelen in wettig betaalmiddel. Ons conventionele geld is niets anders dan een afspraak tussen mensen om dit als ruilmiddel te gebruiken. Ook de regels waaronder ons geld functioneert zijn (onbewust) een overeenkomst. Complementair geld is evenzo een afspraak waarbij we de regels/het ontwerp van het geld hebben aangepast aan onze wensen. Voor het introduceren van een nieuwe geldeenheid is een vertrouwde organisatie, transparantie, het creëren van vertrouwen en het inbouwen van garanties absolute noodzaak voor het goed functioneren van een complementair geld systeem. Daarnaast is een goed ontwerp van het geld belangrijk. Ontwerpcriteria van complementair geld. Vandaag de dag zijn er duizenden verschillende soorten complementaire geldeenheden, waarvan de totale waarde van de handel meer dan 400 miljard Euro bedraagt. In tegenstelling tot ons conventionele geld is complementair geld niet een coherente groep met hetzelfde ontwerp. Complementaire geldeenheden verschillen qua ontwerp in vele aspecten ten op zichtte van elkaar. De belangrijkste ontwerpcriteria van geld zijn: dragend medium, uitgifteprocedure, functie en kostenterugwinning. Dragend Medium. Geld bestaat er in meerdere vormen. In het verleden werden voornamelijk zeldzame goederen zoals schelpen of goud gebruikt als geld. Tegenwoordig zijn we vooral vertrouwd met geld in de vorm van bankbiljetten en munten (die in sommige gevallen een goed representeren). Geld bestaat echter ook in toenemende mate in elektronische vorm. Uitgifteprocedure is de basis waarop geld in omloop wordt gebracht en uit de circulatie wordt gehaald (inwisselbaarheid). Soms heeft geld echte intrinsieke waarde, soms representeert het waarde (een dekking) en in andere gevallen heeft het noch waarde van zichzelf helemaal noch representeert het iets van waarde (fiat geld/fiduciair geld). Een dekking betekent dat er een garantie van de bank is dat het uitgegeven geld ten alle tijden inwisselbaar is voor een van te voren vastgestelde hoeveelheid van een goed. Geld kan gedekt worden door goederen en edelmetalen, wettelijk onderpand, door conventioneel geld, een (contractueel vastgelegde) belofte of een combinatie hiervan. Bovendien kan het geld in omloop volledig of gedeeltelijk gedekt zijn. In dat laatste geval spreken we van fractioneel reserve bankieren. Wanneer geld niet gedekt is betekent dat, dat jij alleen geld accepteert omdat je erop vertrouwd dat je het weer bij een ander kan besteden. Fiduciair geld of fiat geld is geld dat gebouwd is op het vertrouwen (fiducie) dat we er goederen en diensten mee kunnen kopen zonder dat het een daadwerkelijke waarde (in bijvoorbeeld goud) vertegenwoordigt. Functie. Traditioneel onderscheiden we drie functies van geld: betalen, sparen en rekenen . Er zijn verschillende mechanismen te bedenken die elke functie beïnvloeden. Rente/interest, transactiebonussen, demurrage (spaarbelasting), transactiekosten en vervaldata zijn van invloed op de functie van sparen en betalen. De denominatie is van invloed op geld als rekenmiddel. Het meeste complementair geld is uitgedrukt in hoeveelheden conventioneel geld waarbij 1 credit complementair geld gelijk staat aan 1 credit conventioneel geld . Complementair geld wordt daarnaast ook wel gedenomineerd in eenheden van een ander goed, in tijd (uren) of afstand (mijlen). Kostenterugwinning. Met het managen van geld zijn vanzelfsprekend kosten gemoeid. Kosten kunnen intern en/of extern worden terugverdiend. Van externe kostenterugwinning is sprake als een geldprogramma wordt gesubsidieerd of gefinancierd van buitenaf. Wanneer kosten intern worden teruggewonnen betekent dit dat de gebruiker van het geld betaalt. De mogelijkheden zijn: lidmaatschapskosten, entreekosten (bijvoorbeeld betalen voor het openen van een rekening), transactiekosten, rente over leningen, belasting over sparen en ook het bijprinten van geld (met inflatie tot gevolg) kan tot de mogelijkheden worden gerekend. Een goede geldeenheid voldoet daarnaast aan een aantal voorwaarden. Allereerst moet geld deelbaar zijn. Diamanten zijn bijvoorbeeld geen goed dragend medium. Wanneer de een diamant in tweeën wordt gedeeld zijn de twee afzonderlijke delen minder waard dan als geheel. Geld moet ten tweede voldoende schaars zijn om geaccepteerd te worden. Ten derde moet geld houdbaar zijn; bederfelijk geld kan niet gespaard worden. Ten slotte moet geld moeilijk vervalsbaar en waardevast zijn om vertrouwen in de munteenheid te behouden. Bekende complementaire geldprogramma’s. De bovengenoemde ontwerpcriteria suggereren dat er vanzelfsprekend tientallen verschillende vormen van geld ontworpen kunnen worden, afhankelijk van het doel dat we voor ogen hebben. Er zijn dan ook vele voorbeelden van reeds bestaand complementaire geld. De bekendste complementaire geldsystemen zijn zegelgeld, barter, LETS, tijdbanken en regiogeld. Zegelgeld, ook wel noodgeld genoemd, ontstond met de depressie van de jaren ’30. Met slechte vooruitzichten werd geld opgepot en uit de circulatie gehaald door banken om hun reserves aan te vullen. Terwijl er wel vraag en aanbod was vonden door de schaarste van geld economische activiteiten niet plaats; ‘poverty amongst plenty’. Zegelgeld werd meestal uitgegeven in de vorm van salaris waar het werkgevers ontbrak aan gewoon geld. Zegelgeld was een alternatief betaalmiddel. Het bestond uit bankbiljetten waarvoor bezitters periodiek een zegel moesten kopen. De scrip was een briefje met meerdere hokjes, waarin een datum vermeld staat waarop de bezitter van het geld de zegel diende te plakken. Een biljet met verstreken data zonder zegel was niet langer geldig. Een dergelijk principe wordt ook wel demurrage genoemd. Om die reden trachtten de werknemers zo snel mogelijk van het geld af te komen. Het gevolg was dat geld veel sneller van hand tot hand ging waarmee economische bloei gerealiseerd werd. De bekendste zegelgeld implementaties zijn die van Schwanenkirchen (Duitsland) en Wörgl (Oostenrijk). In de Verenigde Staten werd het idee gekopieerd. De architectuur van het zegelgeld was echter problematisch; men betaalde een zegel met elke transactie wat juist het spenderen ontmoedigde. Bovendien was zegelgeld in de VS na verloop van tijd inwisselbaar voor dollars. Het zegelgeld werd echter verboden door de overheid onder druk van het bankwezen. Bovendien verdween het grotendeels zodra, met het einde van de crisis, conventioneel geld weer beschikbaar kwam. Met de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog raakt het in vergetelheid. Barters, LETS en tijdbanken zijn complementaire geldeenheden die gebruik maken van een wederzijds kredietsysteem. Dat betekent dat geld niet bestaat in de vorm van munten en biljetten maar dat in de boekhouding ieders saldo op basis van zijn/haar aankopen en verkopen wordt geregistreerd. Elke deelnemer begint met een saldo van 0. Bij een transactie worden de rekeningen van de koper en verkoper vermeerdert respectievelijk vermindert met het afgesproken bedrag. Daarmee bestaat er nooit een tekort aan geld in omloop. Het betekent tevens dat wederzijdse kredietsystemen een zero-sum game zijn. Wie negatief staat heeft de verplichting in de toekomst een dienst of product te leveren, deelnemers met een positief saldo hebben diensten/goederen tegoed. Een wederzijds kredietsysteem is als het ware een informatiesysteem dat registreert hoeveel een ieder heeft bijgedragen aan de economie. Er zijn echter ook belangrijke verschillen tussen barter, LETS en tijdbankieren. Barter is bedoeld voor bedrijven om met elkaar zaken te doen met gesloten portemonnee. Bedrijven betalen elkaar in boekhoudkundige trade-credits. Een barter is een professionele commerciële organisatie die tot doel heeft de afzetmarkt van aangesloten bedrijven te vergroten, de overcapaciteit van productiemiddelen te benutten en overproductie af te zetten. In feite bespaar je in een barter op de uitgifte van gewoon geld door producten/diensten te kopen met producten/diensten die je zelf over hebt. De transactie hoeft echter niet 1 op 1 te zijn zoals in ruilhandel. De Zwitserse WIR is de grootste en meeste bekende commerciële barter. Het unieke van barters, m.u.v. de WIR, is dat de organisatie actief makelt en schakelt tussen vraag en aanbod binnen het barternetwerk. Tevens hebben de meeste barters een limiet op een negatief saldo en fungeren de bezittingen van de deelnemers als onderpand voor de trade-credits. Tegenwoordig zijn er circa 400.000 bedrijven in de wereld aangesloten bij een Barter en zijn er ongeveer 750 commerciële bartersystemen, die in de barter-netwerken een gezamenlijke omzet draaien van 10 miljard euro per jaar. Barters zijn zeer succesvol gebleken vanwege hun sterke businessmodel; barterorganisaties ontvangen een bepaald percentage over elke transacties binnen het netwerk. LETS zijn in tegenstelling tot barters niet bedoeld voor bedrijven, maar voor burgers om onderling producten uit te wisselen. Het doel van LETS is om lokale economische en sociale structuren te versterken. LETS richtten zich in het bijzonder op mensen die zijn uitgesloten van de maatschappij. LETS gaan ervan uit dat iedereen capaciteiten heeft, maar dat deze onbenut blijven. LETS kunnen worden beschouwd als een online marktplaats waar deelnemers elkaar betalen in een andere geldeenheid. Net als in de formele economie wordt er in een transactie onderhandelt over de prijs. Een uniek aspect is dat de saldi van deelnemers openbaar wordt gemaakt. Sociale controle zorgt ervoor dat deelnemers niet al te grote schulden opbouwen; dat zorgt ervoor dat zij evenveel geven als nemen. Wereldwijd bestaan er circa 1800-2000 LETS die doorgaans gerund worden door vrijwilligers met beperkte know-how, kapitaal en beschikbare tijd. Mede daardoor zijn zij klein van omvang en nauwelijks van betekenis geweest. De bekendste LETS in Nederland zijn Noppes (Amsterdam) en het Sterrenstelsel (Utrecht). Tijdbanken tenslotte hebben een zuiver sociaal doel, en zijn bedoeld om diensten uit te wisselen. Zij worden voornamelijk ingezet waar sociale voorzieningen ontoereikend zijn. Tijdbanken zijn in feite vrijwilligersorganisaties waarin vrijwilligers ‘uren’ opsparen op basis van de tijd die zij hebben gewerkt. In een tijdbank ontvang je doorgaans één tijdcredit (van de persoon waaraan je de dienst verleent) voor elk uur dat je werkt, ongeacht het soort werk dat geleverd is. Iemands bijdrage wordt uitgedrukt in tijd, niet in geld. Daarbij is ieders tijd gelijk. In een tijdbank is ieders werk gelijkwaardig. De ontvangen uren zijn grotendeels symbolisch van aard. Een ‘vrijwilliger’ kan met de ontvangen uren zelf een dienst ontvangen, de uren opsparen als appeltje voor de dorst (ziekte of pensioen) en schenken aan hulpbehoevenden. De meeste tijdbanken zijn gericht op het verlenen van zorg, maar ook educatie, (kinder)oppas en doe-het-zelf-klussen zijn diensten die verruild worden. De meeste tijdbanken komen voor in de VS het VK en Japan respectievelijk onder de naam Time Dollars, Time Banks en Fureai Kippu. Regiogeld is een verzamelnaam voor een groep complementaire geldeenheden die met name voorkomen in Duitsland. Zij hebben tot doel de lokale economie te versterken en MKB’ers te ondersteunen in de concurrentie met groothandels. Regiogeld kan worden gekocht en vervolgens lokaal worden besteed. Een bonus-malus systeem maakt het omwisselen van euro’s voor regiogeld aantrekkelijk voor consumenten. Lokaal geld heeft het voordeel dat het niet uit de gemeenschap weg vloeit, aangezien het alleen daar een geaccepteerd betaalmiddel is. Daarmee blijft lokale koopkracht behouden. Regiogeld heeft dus de potentie om structureel lokale economische activiteit op peil te houden. Vandaag de dag zijn er circa 70 Regiogeld initiatieven, waarvan Chiemgauer de grootste en bekendste is. De Gelre is Nederlands bekendste regiogeld.
Het geld dat we dagelijks gebruiken is zo vanzelfsprekend, dat we er eigenlijk nooit over nadenken hoe het tot stand gekomen is en waarom het er is zoals het is. “The way by which money is created is so simple it repels the mind” (Galbraith). Alle wettelijke betaalmiddelen hebben hetzelfde ontwerp. Belangrijkste hierin is de keuze het geld niet te dekken door iets van waarde en het onderhevig te maken aan rente (op deposito’s en leningen). Dat ontwerp is niet toeval of willekeurig, maar een bewuste keuze van banken; zij dient de belangen van de bancaire sector, investeerders en beleggers. Dat is geen complot of samenzwering tussen banken, maar eenvoudigweg de meest logische en rationele keuze van banken om de winst te maximaliseren. De keerzijde van dit gekozen ontwerp is dat het tegelijkertijd een aantal grote nadelen met zich mee brengt voor de gewone burger. Groeidwang in onze economie, winstbejag ten koste van mens en milieu, korte termijn investeringen, een toenemend verschil tussen arm en rijk, grote staatsschulden en structureel financiële instabiliteit met economische crises tot gevolg. Tegelijkertijd worden veel zaken die we echt belangrijk vinden niet gewaardeerd in onze economie, zoals zorg of milieu waar geen ‘prijskaartje’ aan hangt. Wij betalen een hoge prijs voor het gebruik van ons geld! Bij de gevolgen van het geld dat we gebruiken staan we nauwelijks stil. We kunnen deze ook maar moeilijk bevatten. Bovendien is het door gevestigde belangen van het bancaire systeem niet eenvoudig ons conventionele geld grondig te herzien. Gelukkig kunnen we wel zelf nieuw geld creëren en ontwerpen op een manier waarmee we ons beoogde doel kunnen realiseren. Sommige complementaire geldeenheden worden ontworpen om een stabielere en robuustere economie te realiseren door een alternatief voor ons conventionele geld te bieden. De meeste geldprogramma’s erkennen dat er iets fundamenteel mis is met ons huidige monetaire systeem. Het ontwerp van het conventionele geld is verre van perfect. De meeste complementaire geldeenheden hebben echter ook een meer specifiek doel voor ogen. Dit doel kan commercieel van aard zijn (zoals bij barter en regiogeld) en sociaal van aard zijn (Tijdbanken). De laatste hebben als uitgangspunt dat complementaire geldeenheden zodanig ontworpen kunnen worden dat zij bijdragen aan de idealen en doelstellingen die wij als samenleving of gemeenschap nastreven, te realiseren. Wanneer er voldoende redenen zijn kunnen geldprogramma’s ingezet worden om specifieke behoeften te realiseren, of deze nou commercieel of sociaal van aard zijn.
De Kiwah organisatie geeft haar eigen complementair geld uit: Kiwahs. Kiwahs bestaan als betaalmiddel naast ons ‘gewone’ geld. Kiwah is ontworpen met tot doel een duurzamere samenleving te realiseren in ecologisch, sociaal en financieel opzicht. Sociaal en ecologisch duurzaam. Kiwahs zijn punten die bij winkels gratis ontvangen worden als bonus op de aanschaf van duurzame producten en diensten. Daarmee worden consumenten verleidt duurzaam te consumeren. Kiwahs kunnen gebruikt worden om tweedehands goederen en diensten te kopen en verkopen op de online Kiwah Marktplaats. Dat werkt het hergebruiken van producten in de hand. Daarnaast zijn ze inwisselbaar voor nieuwe duurzame producten bij winkeliers en bedrijven die vermeld staan in de Duurzame Database ‘Winkels & Producten’. De Kiwahs die winkeliers als bonuspunten weggeven zijn gedekt door KwH duurzame energie. Het geld dat de Kiwahorganisatie ontvangt van de winkeliers, wordt eveneens geïnvesteerd in duurzame energie. De opbrengst uit de verkochtte kilowatturen vormen de dekking voor de Kiwah . Dat betekent dat een groeiende economie (uitgedrukt in het aantal Kiwahs in omloop) automatisch een duurzamere wereld een stap dichterbij brengt. Kiwah is dus een geldeenheid die zodanig ontworpen is dat zij een driedubbel effect heeft in het verwezenlijken van een duurzame samenleving. Een doel waarin het conventionele geld faalt. In onze huidige geldeconomie, staan economische groei en sociale en ecologische behoeften op gespannen voet. Immers, hoe meer wij consumeren en hoe groter de economische groei, des te meer schade aan natuur en milieu en hoe groter het verschil wordt tussen arm en rijk. Economisch duurzaam. Kiwah kent in tegenstelling tot gewoon geld geen spaarrente. Kiwah werkt daarentegen met staangeld; een periodieke heffing over opgespaarde Kiwahs . Dat maakt het opsparen van Kiwahs oninteressant, en het uitgeven juist interessanter! Sparen is een tendens die bestaat in ons huidige monetaire systeem als gevolg van de positieve rente die je krijgt op het saldo bij de bank. Met name in economisch slechtere tijden heeft dit grote schadelijke gevolgen; een tekort aan geld in de economie waardoor consumenten en bedrijven terughoudend zijn om geld uit te geven. Een financiële crisis gaat dan ook vaak gepaard met economische teruggang. Maar positieve rente is ook mede verantwoordelijk voor een toenemend verschil tussen arm (zij die geen geld hebben om te sparen) en rijk (zij die veel geld kunnen sparen). Staangeld daarentegen zorgt voor een meer evenwichtige verdeling van onze rijkdom. Bovendien stimuleert het je om je Kiwahs zo snel mogelijk weer uit te geven wat leidt tot meer economische activiteit en consumptie van duurzame producten en diensten en dus een duurzamere wereld! Een tweede wezenlijk verschil met conventioneel geld, is dat Kiwahs niet vanuit het niets worden gecreëerd. Inflatie en soms zelfs hyperinflatie ontstaat door een verslechterd vertrouwen in de waarde van het geld. Gefundeerd geld behoudt in tegenstelling tot fiat geld zijn waarde. Kiwahs zijn gefundeerd door energie (1 Kiwah = 1 Kilowattuur duurzaam opgewekte energie). Kiwahs vertonen dus een zekere overeenkomst met het vroegere conventionele geld dat gedekt werd door goud. Maar terwijl de hoeveelheid goud onveranderlijk is (en dus ook de hoeveelheid geld constant is), kunnen we zoveel duurzame energie opwekken als we willen (en dus ook de hoeveelheid geld in omloop vergroten). Omdat elke Kiwah een echte waarde (in energie) vertegenwoordigt, is het vrij van inflatie. De Kiwah is daarmee een veel stabielere geldeenheid dan bijvoorbeeld onze Euro en legt daarmee een basis voor een nieuwe economie!
Broere, A. (2010) Een Menselijke Economie. Amersfoort: Uitgeverij Aspekt Brown, E.H. (2008) ‘Web of Debt: The Shocking Truth About our Money System and How We Can Break Free’ Third Millennium Press Cahn, E.S. (2000) ‘No More Throw Away People. The Co-Production Imperative’ Essential Books Ltd. 2nd Edition Cahn, E.S. & J. Rowe ‘Time Dollars: The New Currency That Enables Americans to Turn Their Hidden Resource-Time into Personal Security and Community Renewal’ Rodale Press Greco, T.H. (2009) ‘The End of Money and the Future of Civilization’ Chelsea: Green Publishing Greco, T.H. (2001) ‘Money: Understanding and Creating Alternatives to Legal Tender’ Chelsea: Green Publishing Kennedy, M. (1995) ‘Interest and Inflation Free Money: Creating an Exchange Medium That Works for Everybody and Protects the Earth’ Permakultur Publikationen Krugman, P. (1999) The Return of Depression Economics. W.W. Norton & Company Lietaer, B.A. (1999) ‘The Future of Money: Creating new Wealth, Work and a Wiser World’ Century Publishers Lietaer, B.A. (2001) ‘Het Geld van de Toekomst, Een Nieuwe Visie op Welzijn, Werk en een Humanitaire Wereld’ Amsterdam: Forum Amsterdam Lietaer, B. and G. Hallsmith (2006) ‘The Community Currency Guide’ Toegankelijk: http://www.global-community.org/gc/newsfiles/25/Community%20Currency%20 Guide.pdf Lietaer, B. en G. Hallsmith (2006) De Gids voor een Gemeenschapsmunt. Transitienetwerk Vlaanderen. Middelkoop, W. (2008) Als de dollar valt. Alles over de kredietcrisis. Amsterdam: Uitgeverij Nieuw Amsterdam. Online: http://nl.wikipedia.org/wiki/Fiduciair_geld http://nl.wikipedia.org/wiki/Goudstandaard http://nl.wikipedia.org/wiki/Geld http://en.wikipedia.org/wiki/Complementary_currency http://en.wikipedia.org/wiki/Alternative_currency http://www.sdnl.nl/geldsystemen.htm
klik hier en log in met je gebruikersnaam als je dat nog niet gedaan had!
Sociocratie
Sociocratie is een organisatiemodel waarbij het consentbeginsel centraal staat. De essentie van sociocratie is dat iedereen in de organisatie zich kan vinden in de besluitvorming. Dat wil zeggen dat er unanimiteit moet zijn over de besluiten die worden gemaakt. Sociocratie leidt tot effectievere en efficiëntere samenwerking. Doordat de organisatie een grote legitimiteit heeft bij haar communityleden, hebben zij begrip voor, en vertrouwen in het gekozen beleid. Kiwah heeft een sociocratisch organisatiemodel waarin iedereen binnen de organisatie invloed kan uitoefenen op hoe Kiwah te werk gaat en waar zij voor staat. De gebruiker wordt actief betrokken bij de besluitvorming.
Het gezamenlijk creëren van duurzame gemeenschappen vereist als vanzelfsprekend een organisatie en daarbij een passend bestuursmodel. Sociocratie is een bestuursmodel net zoals democratie (heerschappij van het volk) of autocratie (alleenheerschappij) dat zijn . Elk bestuursmodel verschilt echter in haar bepaling wie de besluiten neemt en hoe die worden genomen. Democratie en sociocratie zijn vormen van zelfbestuur in tegenstelling tot bestuursvormen waar men bestuurd wordt (zoals een autocratie). Beide besluitvormingsmodellen benadrukken dat iedere persoon uniek maar gelijkwaardig is. Dat betekent dat in principe dat eenieder even veel zeggenschap heeft in de besluitvorming. Er zijn echter ook belangrijke verschillen. Een eerste verschil is de doelgroep van beide bestuursvormen. Democratie is afgeleid van de Latijnse woorden ‘demos’ (volk) en ‘kratein’ (heersen of regeren). Democratie is dus een systeem waarin het volk regeert. In een sociocratie is het daarentegen niet het volk maar de ‘socios’, de medemens die regeert. Sociocratie is bedoeld voor een groep mensen die reeds een onderlinge band delen (gezamenlijk een gemeenschap vormen) en veelal een gedeelde doelstelling hebben. Het belangrijkste verschil is dat democratie gebaseerd is op het meerderheidsbeginsel, terwijl sociocratie gebaseerd is op het consentbeginsel. In een democratie wordt een voorstel aangenomen als een meerderheid van de ‘stemgerechtigden’ voorstander is, en een voorstel wordt verworpen als een meerderheid tegenstander is. Deze ‘meerderheid’ kan zowel een absolute meerderheid (minimaal 50% van de stemmen) als een gekwalificeerde meerderheid (bijvoorbeeld minimaal 75%) zijn. De minderheid stemt ermee in de keuze van de meerderheid te accepteren, soms tegen wil en dank. Democratie is daarom wel afgeschilderd als ‘de tirannie van de meerderheid’ (Alexis de Tocqueville, James Madison and John Stuart Mill). In een sociocratie is dit niet het geval. De essentie van sociocratie is dat elke ‘stemgerechtigde’ zich kan vinden in het besluit. Dat wil zeggen dat er unanimiteit moet zijn over de te maken beslissing. Terwijl in een democratie alleen overeenstemming bestaat tussen alle stemgerechtigden over de wijze van besluitvorming (het besluit van de meerderheid telt) bestaat in een sociocratie ook overeenstemming tussen alle stemgerechtigden over de inhoud van elk besluit dat genomen wordt . Sociocratie is daarmee in feite een democratie waarbij de gekwalificeerde meerderheid 100% is; iedereen moet voorstander zijn van een voorstel om tot een besluit te komen. Sociocratie wordt daarom ook wel een consensusdemocratie genoemd en wordt daarmee verondersteld een meer geavanceerde vorm van de democratische besluitvormingsmethode te zijn. Naast het bereiken van overeenstemming over beleidsvoorstellen wordt in een sociocratie ook besloten over de verantwoordelijkheden en rollen van eenieder binnen de organisatie. Een sociocratisch besluitvormingsproces ziet er als volgt uit: in een discussie over een specifiek agendapunt wordt een voorstel geïntroduceerd. Vervolgens kan eenieder kiezen akkoord te gaan, zich te onthouden van stemmen (bijvoorbeeld wanneer men onvoldoende kennis heeft van het besproken agendapunt), voorwaarden te formuleren (ontheven te worden van enkele bepalingen in het voorstel) of bezwaren aan te tekenen. Wanneer er geen gemotiveerde bezwaren zijn, wordt het voorstel aangenomen en uitgevoerd. Wanneer er bezwaren zijn die gegrond, beargumenteerd en overwegend zijn, zal het voorstel niet aangenomen worden en zodanig herzien en aangepast moeten worden tot uiteindelijk wel consent bereikt kan worden. Overigens, consent is daarbij niet hetzelfde als consensus. Bij consent is er niemand tegen het voorstel, bij consensus is iedereen voorstander van het voorstel. Een bezwaar verschilt van een veto doordat een bezwaar onderbouwd moet worden. Het is natuurlijk zeer goed mogelijk dat slechts één of enkele stemgerechtigden het besluitvormingsproces blokkeren door bezwaar aan te blijven tekenen tegen een voorstel. Om dit te voorkomen wordt er ook wel gekozen voorstellen aan te nemen bij een minder rigide criterium dan unanimiteit (bijvoorbeeld unanimiteit-1; een voorstel wordt aangenomen als tenminste iedereen minus een persoon zich kan vinden in het voorstel). Het is vanzelfsprekend een lastige opgave en praktisch onmogelijk om overeenstemming te bereiken tussen alle stemgerechtigden wanneer de groep van stemgerechtigden van aanzienlijke omvang is. Een veelgebruikte oplossing is representatie. In een representatieve sociocratie moet binnen kleine groepen (cirkels) overeenstemming worden bereikt over een afgevaardigde die de wensen van de groep formuleert en de belangen van de groep behartigt. De afgevaardigden van alle groepen (cirkels) moeten onderling unanimiteit zien te bereiken over geïntroduceerde voorstellen. Naast de afgevaardigde is er ook een leider die onderdeel is van de bovenliggende cirkel. De connectie van een groep met een bovenliggende groep bestaat dus uit een dubbele link (zie het organogram). Elke groep is semi-autonoom in haar besluitvorming. Het invoeren van een dergelijke hiërarchie waarborgt een efficiënte besluitvorming en doet geen afbreuk aan het uitgangspunt dat iedere stemgerechtigde invloed moet hebben op de besluitvorming en zich in de besluiten kan vinden. Hiërarchie is in deze zin geen machtsstructuur zoals in autocratische hiërarchieën. Besluiten komen bottom-up tot stand, en worden niet top-down opgelegd. In een sociocratie is de hoogste cirkel van afgevaardigden vergelijkbaar met het directieteam zoals die doorgaans bij een organisatie bestaat. Ideaaltypisch bestaat deze groep van afgevaardigden uit verschillende experts op het gebied van bestuur, financiën en economie, en de doelstelling van de organisatie.
Terwijl een democratische besluitvorming leidt tot competitie (coalitievorming, en de strijd om een meerderheid van kiezers achter zich te krijgen) leidt sociocratie tot samenwerking. Sociocratie is daarmee een besluitvormingsmodel dat leidt tot een efficiëntere organisatie. Doordat de organisatie een grote legitimiteit heeft bij haar communityleden, hebben zij begrip voor, en vertrouwen in het gekozen beleid. Daarmee duurt de besluitvorming weliswaar langer , maar de uitvoering van het besluit gaat sneller en is effectiever omdat geen tegenstand verwacht hoeft te worden. Bovendien is sociocratie een rechtvaardige en egalitaire vorm van bestuur. Iedereen kan deelnemen in de besluitvorming en de besluitvorming is transparant voor alle communityleden, evenals de financiële transacties die plaatsvinden.
Een van de uitgangspunten van Kiwah is dat het in handen moet zijn van haar communityleden. Zij streeft ‘empowerment’ van de gewone burgers na. Een sociocratisch organisatiemodel sluit daarom goed aan bij het geen waar Kiwah voor staat.
Boeke, K. (1945) Sociocracy; Democracy as it Might Be. Boeke, K. (1967) Redelijke ordening van de mensengemeenschap. 2e druk. Utrecht (1e druk mei 1945). Buck, J. & G. Endenburg (2006) The Creative Forces of Self-Organization. Rotterdam: Sociocratisch Centrum. Toegankelijk op: http://www.vbnetwork.ca/LinkClick.aspx?fileticket=VvkyIf07FCM%3D&tabid=57&mid=378 Buck, J. & S. Villines (2007) We the People; Consenting to a Deeper Democracy. A Guide to Sociocratic Principles and Methods. Washington DC: Sociocracy.info Press Endenburg, G. (1974) Sociocratie, Een redelijk ideaal. Met een inleiding door A. J. van Dijk en commentaren van Prof. dr. J. A. P. van Hoof en drs. G. E. van Vliet. Zaandijk: Klaas Woudt Endenburg, G. (1981) Sociocratie: het organiseren van de besluitvorming: een waarborg voor ieders gelijkwaardigheid. Alphen aan den Rijn: Samsom Endenburg, G. (1992). Sociocratie als sociaal ontwerp - organiseermethode voor het produceren van kwaliteit. Delft: Eburon Academic Publishers Endenburg, G. (1992) Sociocratie als sociaal ontwerp : kenmerking, ontwikkelingsgang en verantwoording van het ontwerp in theorie en praktijk, toegelicht aan de hand van bronnenmateriaal. Delft: Eburon Academic Publishers Endenburg, G. (1998) Sociocracy as Social Design. Delft: Eburon Academic Publishers Endenburg, G. (1998). Kennis, macht en overmacht: de lerende organisatie in het bijzonder de sociocratische kringorganisatie. Delft: Eburon Academic Publishers. Endenburg, G. (1998) Sociocracy; The Organization of Decision-making. Delft: Eburon Academic Publishers Endenburg, G. (2002) Sociocratie. Het organiseren van de besluitvorming. Delft: Eburon Academic Publishers Houdijk, J. (1997) De sociocratische methode, sleutel tot kwaliteit. Rotterdam: Sociocratisch Centrum Nijenhuis, T. “Een Baas die de baas niet wil zijn”, De Volkskrant, 6 augustus 1996. Toegankelijk op: http://www.volkskrant.nl/archief_gratis/article688966.ece/ Een_baas_die_de_baas_niet_wil_zijn Romme, A.G.L. (1995) ‘Non-participation and system dynamics’, System Dynamics Review, 11 (4): 311-319. Romme, A.G.L. (1996). ‘Making organizational learning work: consent and double linking between circles’, European Management Journal, 14(1): 69-75 Romme, A.G.L. (1997). ‘Organizational learning, circularity and double-linking’, Management learning, the journal for managerial and organizational learning, 28(2): 149-160 Romme, A.G.L. (1997) “Work, Authority and Participation: The Scenario of Circular Organizing”, Journal of Organizational Change Management 10(2): 156-166. Toegankelijk op: http://arno.unimaas.nl/show.cgi?fid=641 Romme, A.G.L. (1997). ‘Werken, leren en communiceren – leren veranderen door toevoeging van een kringstructuur”, Tijdschrift voor Bedrijfsadministratie 101 (1206): 340-346 Romme, A.G.L. & G. Endenburg (2006) “Construction Principles and Design Rules in the Case of Circular Design”, Organization Science; a Journal of the Institute of Management Sciences 17(2): 287 Van Vliet, G. (2009) Anders Besturen. Een sociocratische visie op de functie van commissaris en toezichthouder. Delft: Eburon Academic Publishers Ward, L.F. (1983) Sociocracy. The Psychic Factors of Civilization. Boston: Ginn & Co (319-327) Online: http://www.sociocratie.nl http://www.sociocracy.biz http://www.sociocracy.info http://www.consentenschede.nl/index.php?id=895 http://www.wikipedia.org/wiki/sociocracy www.wikipedia.org/wiki/consensus_decision-making http://www.managementissues.com/organisatiemanagement/management/sociocratie: _het_organiseren_van_gelijkwaardige_in_een_organsiatie_20050210150.html http://www.solonline.nl/documenten/Frieling, Sociocratie_en_Lerende_organsiatie_-_scriptie.pdf http://www.consentric.nl/index.php?option=com_content&view=article&id=56&Itemid=56 http://horizontalisering.ning.com/profiles/blogs/2303270:BlogPost:337
klik hier en log in met je gebruikersnaam als je dat nog niet gedaan had!
Kiwah Ontwerpprincipes
Duurzame economische groei is echte economische groei
Onze huidige economie is alles behalve duurzaam. Ons financiële systeem heeft meerdere malen vertoond instabiel te zijn. Een financiële crisis als we nu meemaken is geen uitzondering; tientallen hebben zich voor gedaan in de afgelopen decennia, en hun frequentie lijkt toe te nemen. Deze crises brengen keer op keer grote schade aan de reële economie toe met faillissementen en werkloosheid tot gevolg. Maar onze economie is ook niet duurzaam in sociaal en ecologisch opzicht. Onze op schuld gebaseerde economie leidt tot een enorme groeidwang, die de toenemende consumptie van goederen en diensten noodzaakt. Het gevolg is een enorme schade aan natuur en milieu en de uitputting van grondstoffen en natuurlijke rijkdommen. Tegelijkertijd leidt onze kapitalistische economie tot een enorme concentratie van rijkdom. Onze economie creëert een steeds kleinere groep van winnaars en een steeds grotere aan verliezers. Groeidwang en competitie leiden tot uitbuiting van mensen en miserabele arbeidsomstandigheden in voornamelijk derde wereldlanden. Tegelijkertijd zien lokale economieën hun economische activiteit verdwijnen naar afgelegen gebieden. Ongelijke verdeling van rijkdom wereldwijd heeft geleid tot grote spanningen, en zijn een voedingsbodem voor conflict, criminaliteit, en terreur. Kiwah streeft naar duurzame economische ontwikkeling aan de hand van de Triple P benadering; People, Planet, Profit. ‘Duurzame economische ontwikkeling’ staat daarbij voor het realiseren van een rechtvaardige, milieuvriendelijke en robuuste/veerkrachtige economie. Een economie met stabiele economische groei, behoud van natuur- en milieu en welzijn van mensen. Een economie die op lange termijn houdbaar is en de continuïteit van maatschappelijke activiteiten waarborgt. Duurzame economische groei, is economische groei die voorziet in de noden van het heden zonder de behoeften van komende generaties in het gedrang te brengen. Alleen duurzame economische groei is zodanig ‘echte’ economische groei omdat dit ook daadwerkelijk verbetering met zich meebrengt. Kiwah stimuleert een duurzame economie op drie manieren. Het Kiwah loyaltyprogramma (het verkrijgen van Kiwah-punten) maakt duurzame producten en diensten interessanter dan hun niet-duurzame alternatief. De verkregen punten (Kiwahs) fungeren als betaalmiddel waarmee alleen duurzame producten en diensten aangeschaft kunnen worden. Het kopen van duurzame producten en diensten betekent dat niet alleen lokaal, maar ook voor mens en milieu elders sociale en ecologische omstandigheden verbeteren. Omdat ‘Kiwahs’ gedekt zijn door duurzame kilowatturen energie, leidt de groei van de Kiwah-economie (uitgedrukt in het aantal Kiwahs in omloop) direct tot een duurzamere economie. Meer duurzame energie heeft tot voordeel minder economische afhankelijkheid van olie&gas producerende landen, is goed voor milieu door het verminderen van CO2-uitstoot en luchtvervuiling, en vermindert conflict om schaarse fossiele brandstoffen.
Een duurzame economie moet bottom-up (vanuit de community) worden vormgegeven
Traditioneel wordt een transformatie naar een duurzame samenleving geïnitieerd vanuit de overheid. Zij beschikt daartoe over een aantal krachtige legale en fiscale instrumenten. In de jaren ‘70 trachtten overheden vooral duurzaamheid te bevorderen door het invoeren van wet- en regelgeving, bijvoorbeeld ten aanzien van luchtvervuiling of het gebruik van giftige stoffen. Zij richtte haar pijlen daarbij voornamelijk op het industriële bedrijfsleven, de productiemethode en de producten die werden voortgebracht en de verwerking van afval. In de jaren 80 werd duidelijk dat de overheid zich ook moest richten op burgers en consumenten. Door middel van informatiecampagnes bevorderde de overheid een groter milieubewustzijn bij burgers. Denk hierbij aan reclamespotjes, maar ook aan het toekennen van labels aan producten. Aanvullend daarop werd een prijsbeleid gevoerd (de vervuiler betaalt) om duurzamer gedrag te bevorderen. De inspanningen en investeringen van de overheid ten spijt, resulteerde niet tot een gewenste drastische gedragsverandering. Nieuwe inzichten toonden dat burgers en consumenten op zoek zijn naar een concreet handelingsperspectief en zelf vorm willen geven aan een duurzamere samenleving. Kiwah combineert een ‘top-down’ benadering met een ‘bottom-up’ benadering. Kiwah staat voor ‘empowerment’ van het individu. Community-building moet het voor individuen mogelijk maken zelf actief een bijdrage te kunnen leveren aan een duurzamere wereld zonder hierbij aan het handje te worden genomen door de overheid of private organisaties. Community-leden kunnen bedrijven/winkels toevoegen aan de database van het online Kiwah-platform als deze winkels/bedrijven duurzame producten en diensten leveren. Zodanig kunnen we gezamenlijk inzichtelijk maken waar welke duurzame producten en diensten bij ons in de buurt gekocht kunnen worden. Bovendien kan elke Kiwah-gebruiker, deze producten en diensten beoordelen. Tevens kan de community bijvoorbeeld optreden als een buyers-consortium om bedrijven te benaderen (meer) duurzame producten/diensten te ontwikkelen/verkopen. Ook is het mogelijk om acties op te zetten om andere consumenten aan te sporen duurzamer te consumeren en lid te worden van een Kiwah-community. Het opzetten van een community maakt het daarnaast mogelijk onderling informatie en ervaringen uit te wisselen op fora en in het kenniscentrum ‘Kiwahpedia’.
Duurzaam koopgedrag moet worden beloond
De koopkracht van consumenten neemt alsmaar toe, waardoor consumptie en Co2 uitstoot in eenzelfde tempo groeit. Hoewel ook duurzame producten en diensten steeds vaker worden gekocht, heeft dit slechts een marginaal effect. Het is voornamelijk een kleine groep van pioniers en trendsetters (actieve consumenten) die serieus een duurzamere wereld nastreeft en zijn consumptie daarop afstemt. De grootste groep burgers (de passieve consument) vindt duurzaamheid wel belangrijk, maar in hun rol als consument geven zij de voorkeur aan de goedkoopste, en niet aan de duurzaamste producten. Om deze grote groep consumenten aan te spreken is het van belang hen een financiële prikkel te geven. Onderzoek heeft aangetoond dat het belonen van gewenst gedrag meer zoden aan de dijk zet dan het ontmoedigen van ongewenst gedrag, of het verschaffen van informatie. Kiwah is er op gericht om zowel de ‘actieve consument’ als de passieve consument aan te spreken. Door middel van een beloningsprogramma voor duurzaam consumeren probeert zij duurzame producten en diensten aantrekkelijker te maken dan hun niet-duurzame equivalent. Concreet betekent dit dat consumenten gratis Kiwah-punten als bonus ontvangen bij de aanschaf van duurzame producten en diensten. Hoe duurzamer het product, des te meer Kiwah-punten zij krijgen. De Kiwah-punten kunnen vervolgens besteed worden aan duurzame producten en diensten.
Economisch profijt voor iedereen
Op duurzaamheid gerichte programma’s komen vaak niet van de grond wanneer zij proberen consumentengedrag slechts op ideologische gronden te veranderen. Het is belangrijk een financiële stimulus voor elke deelnemer te ontwikkelen om het gewenste gedrag te realiseren. Kiwah is voor iedereen financieel aantrekkelijk. Voor consumenten is het profijt van deelname aan Kiwah het ontvangen van gratis Kiwah-punten die zij kunnen besteden aan duurzame producten en diensten. Door te besparen op Euro’s neemt hun (duurzame) koopkracht toe. Voor winkeliers is het profijt van deelname aan Kiwah het aantrekken van nieuwe klanten, en trouwere bestaande klanten als gevolg van het loyaltyprogramma. Daarmee vergroten zij hun winst. Bovendien is Kiwah een interessant marketinginstrument; een gratis vermelding op de website leidt tot meer klanten. Wanneer bedrijven en consumenten in toenemende mate hun Kiwah als betaalmiddel gaan gebruiken, versterken zij bovendien de eigen lokale economie. Voor lokale overheden is Kiwah interessant doordat zij een instrument aangereikt krijgen om duurzaamheid op een effectieve en efficiënte manier te realiseren.
Lokale economische activiteit moet worden versterkt
Lokale economische activiteit leidt tot een duurzamere samenleving. De laatste decennia zijn we getuige van een verzwakking van lokale economieën als gevolg van mondialisering. Groothandels en supermarktketens verdringen lokale winkeliers en veroorzaken een verschraling van economische activiteit. Middelgrote en kleine ondernemers (MKB’ers) verdwijnen omdat zij niet kunnen concurreren met de groothandels. En dat terwijl zij verantwoordelijk zijn voor het grootste deel van de werkgelegenheid. Tegelijkertijd is lokale economische activiteit duurzamer vanuit ecologisch perspectief. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een vermindering van de belasting van het milieu als gevolg van de afname van transport van producten. Kiwah is erop gericht om de lokale economie en gemeenschappen te versterken. In de vorm van loyalty-punten worden Kiwahs dan ook alleen verkregen bij het MKB en kunnen alleen besteed worden bij het MKB. Het voordeel van het accepteren van Kiwahs voor MKB’ers is dat zij hun afzetmarkt vergroten. Ze trekken tenslotte de consumenten actief in het Kiwah programma aan als klant. Winkeliers en consumenten geven liever hun Kiwahs uit dan hun Euro’s. De laatste kunnen zij tenslotte makkelijker besteden en zijn bovendien niet onderhevig aan een demurrage (spaarbelasting). Consumenten hebben dus voorkeur voor appels van de boer uit de regio waar ze met Kiwahs terecht kunnen, boven appels van een boer buiten de regio waar ze alleen met Euro’s terecht kunnen. Omdat Kiwahs alleen door participerende lokale winkeliers en bedrijven wordt geaccepteerd als betaalmiddel, kan het Kiwah-geld niet ontsnappen uit het netwerk (de community) en lokale koopkracht blijft zo behouden. Met Kiwah wordt voorkomen dat geld uit de eigen gemeenschap wegstroomt. Geef een Euro uit en na enkele keren van hand tot hand te zijn gegaan, eindigt deze in de financiële markten (speculaties of banken) buiten de eigen locale economie. Breng een Kiwah in circulatie en het blijft in de eigen reële economie circuleren. Weliswaar kunnen Kiwahs ingeruild worden voor Euro’s, een heffingsstructuur ontmoedigt dat. De heffingsstructuur van Kiwah is zodanig opgezet dat het community-leden stimuleert hun Kiwahs lokaal binnen de community te besteden. Kiwah bestaat uit een netwerk van meerdere veelal geografische communities. Voor het kopen van producten en diensten buiten de eigen Kiwah community betaalt men een kleine fee. Dat maakt het veelal goedkoper om binnen de eigen lokale community Kiwahs te besteden. Voor het omwisselen van Kiwahs voor Euro’s betaald men een stevigere fee. Dat stimuleert om op zijn minst te consumeren binnen het netwerk van alle Kiwah communities. De omloop van Kiwahs blijft dus veelal beperkt tot een geografisch gebied. Daarnaast zorgt een spaarbelasting (demurrage) ervoor dat Kiwahs (binnen de eigen gelederen) blijven circuleren in plaats van opgepot te worden.
Sparen en Betalen, de twee belangrijkste functies van geld, moeten worden gescheiden
Ons conventionele geld is een instrument dat drie functies vervuld; sparen, betalen en meten van waarde. Van geld wordt verondersteld dat het in toenemende mate werd gebruikt om met name transacties (betalingen) te vereenvoudigen. Ruilhandel heeft zijn beperkingen; de mogelijkheid dat de koper niet iets te bieden heeft wat de verkoper wil hebben. Geld is in die zin een intermediair ruilmiddel. Geld functioneert dus als een instrument om de uitwisseling van goederen en diensten (handel) mogelijk en gemakkelijk te maken. De functie van sparen is hierbij tegenstrijdig met de functie van betalen. Geld dat gespaard wordt (dat wil zeggen uit de circulatie wordt gehaald) is geld dat niet uitgegeven wordt. Met een gebrek aan geld (ruilmiddel) zullen economische transacties niet of minder plaatsvinden. Met name in tijden van economische crisis is juist dit wat ons overkomt. Slechte economische vooruitzichten leiden ertoe dat mensen onzeker zijn over de toekomst en streven naar een ‘appeltje voor de dorst’; het opsparen van geld. Tegelijkertijd leidt juist dit opsparen van geld tot minder economische activiteit; een self-fulfilling prophecy. Vaak wordt door overheden en banken getracht deze neerwaartse spiraal te doorbreken door geld bij te drukken en de overheidsschuld te laten oplopen. Tegelijkertijd is een plotseling ontsparen (dat is geld uitgeven) ook problematisch. Spaargeld bij de bank dient als een basis voor het uitgeven van leningen. Deze leningen worden veelal aangewend als een investering die zich pas op langere termijn terugverdient. Spaargeld is daardoor slechts beperkt liquide, en kan niet massaal direct uitgekeerd worden. Kiwahs zijn zodanig ontworpen dat sparen en betalen van elkaar gescheiden zijn. Sparen vindt plaats in de vorm van het investeren in duurzame energieprojecten; deze investering levert jaarlijks een x hoeveelheid Kiwahs op. De Kiwahs die ontvangen worden zijn alleen bedoeld als betaalmiddel. Het opsparen/ vasthouden van Kiwahs wordt ontmoedigd door een demurrage (spaarbelasting) over een positief saldo. Daardoor zullen Kiwah-gebruikers geneigd zijn hun Kiwahs zo snel als mogelijk van de hand te doen, wat economische activiteit stimuleert. Kiwah bevordert dus de omloopsnelheid van geld, en niet zozeer de omvang van geld in omloop, voor de groei van de economie.
Geld moet echte waarde vertegenwoordigen
Onze huidige bankbiljetten en munten zijn slechts stukken papier en metaal die geen andere waarde (bijvoorbeeld in goud) vertegenwoordigen. De intrinsieke waarde van geld is dan ook verwaarloosbaar klein. We kunnen er echter mee betalen zolang we er met zijn allen op vertrouwen dat we het geld in de toekomst weer als betaalmiddel kunnen gebruiken voor producten en diensten. We noemen dat met een duur woord fiduciair geld. Wat dan als we massaal het vertrouwen in ons geld verliezen? Bijvoorbeeld als de bank veel nieuw geld bijprint? Dan krijgen we grote geldontwaarding (inflatie). Dat betekent dat we ineens veel meer moeten betalen voor een product of dienst. Als geldontwaarding uit de hand loopt storten we in een economische recessie. Geld dat echte waarde vertegenwoordigt (of dat nou goud is, zilver, zout, graan of iets anders van waarde) blijft altijd even veel waard en is daarmee veel betrouwbaarder dan geld dat nergens aan gekoppeld is. Kiwahs zijn gedekt door kilowatturen. Één Kiwah is altijd één kilowattuur energie waard. Doordat Kiwah.org de van de winkelier ontvangen euro’s investeert in duurzame energie, worden kilowatturen energie opgewekt die de basis vormen van de Kiwahs die zij teruggeeft aan de winkelier. Kiwahs kunnen altijd ingewisseld worden voor kilowatturen tegen de dan geldende marktprijs in Euro’s. Kiwah verwerpt daarbij fractioneel reservebankieren; zij streeft naar een 100% dekking zodat alle Kiwahs in omloop daadwerkelijk inwisselbaar zijn.
De economie moet vrij zijn van speculatie
Speculeren is het aankopen van goederen of valuta (geldeenheden) met tot doel om deze op korte termijn weer te verkopen met grote winst. Speculatie is in feite gokken op de prijsontwikkeling van een goed of valuta. Vandaag de dag is 95% van al het internationale geldverkeer speculatie (David Boyle 1999). Slechts 5% van alle transacties bestaat daadwerkelijk uit de consumptie van producten en diensten. Speculatie is zeer risicovol en schadelijk voor de reële economie. Het kan de waarde van valuta of goederen sterk laten dalen of stijgen op heel korte termijn. Het kan betekenen dat er plotseling een groot tekort of overschot is van bepaalde goederen. Voor valuta geldt hetzelfde, met inflatie, deflatie en economische stagnatie tot gevolg. Speculatie is bovendien verwerpelijk omdat deze activiteit geen maatschappelijk nut heeft voor de samenleving. Kiwah streeft naar een sterke, stabiele economie. Omdat Kiwah-punten Kilowatturen energie representeren en inwisselbaar zijn voor de dan geldende energieprijs in Euro’s, is speculatie op energieprijzen voor de hand liggend. Om deze speculatie tegen te gaan heeft Kiwah twee mechanismen ontwikkeld. Een malus (een heffing) voorkomt dat Kiwahs gemakkelijk ingewisseld kunnen worden voor Euro’s. Daarmee wordt speculatie op wisselende energieprijzen ontmoedigd. Een ‘demurrage’ (liggeld) ontmoedigt bovendien het op grote schaal aankopen van Kiwahs zonder deze te besteden. Speculatie, door Kiwahs vast te houden en deze te verkopen op het moment dat energieprijzen zijn gestegen, is daarmee niet interessant.
De economie moet vrij zijn van rente
Rente (of synoniem daaraan: woeker en interest) is het periodiek geld verdienen met uitgeleend geld. Rente heeft enkele positieve maar vooral ook negatieve eigenschappen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat het christenen, joden en moslims eeuwen lang was verboden rente te heffen, en dat filosofen als Plato en Thomas van Aquino zich uitspraken tegen rente; het scheppen van geld uit het niets. Eén van deze negatieve eigenschappen van rente is dat het mede oorzaak is van de ‘boom-bust cycle’ dat ons huidige financiële bestel kenmerkt. Al het conventionele geld in omloop is ontstaan als een schuld bij de bank. Als gevolg van rente op schuld zijn faillissementen onvermijdelijk. Stel je een netwerk voor van 50 personen die allen 100 euro lenen bij de bank, die zij een jaar later met 5% rente terug moeten betalen. Zij betalen het jaar erop dus 100 + 5 euro rente. In totaal ontvangt de bank het jaar erop dus 5000 + 250 euro. Waar moet die 250 euro vandaan komen? Individueel kan elke persoon alleen de rente van 5 euro betalen door geld bij een ander persoon in het netwerk vandaan te halen. Dat leidt er echter onherroepelijk toe dat een aantal personen in het netwerk nog maar 95 euro over heeft, de schuld + rente niet kan betalen en failliet gaat. De bank eist dan vaak een onderpand op (zoals bij een hypothecaire lening) die de schuld + rente dekt. In feite heeft rente dus tot gevolg dat we betalen voor het gebruik van ons geld. Een alternatief voor deze personen is het afsluiten van een tweede lening om de eerste af te kunnen betalen en daarmee de vicieuze cirkel voortzetten. Een tweede negatieve eigenschap is de groeidwang die rente op schuld creëert. Alleen door te groeien kan men schulden terugbetalen. Deze groeidwang leidt tot de noodzaak van hoge consumptie van goederen en diensten, die uitputting van grondstoffen, natuurlijke rijkdommen en schade aan milieu tot gevolg heeft. Bovendien heeft rente tot gevolg dat men zo snel mogelijk geld wil verdienen. Daarmee wordt geïnvesteerd op korte termijn; snel winsten maken, zonder rekening te houden met de gevolgen van de investering op lange termijn. Duurzaamheid vereist juist lange-termijn-investeringen; investeringen die zich pas na geruime tijd uitbetalen. Een derde negatieve eigenschap van rente is dat de rijken rijker en de armen armer worden. Zij die spaartegoeden hebben krijgen hierover creditrente (het ontvangen van rente voor het uitlenen van geld aan de bank), zij die schulden hebben betalen debetrente, het betalen van rente over geld geleend van de bank. Door rente op rente worden rijken exponentieel rijker, en armen exponentieel armer. Rente creëert dus een steeds grotere kloof tussen arm en rijk. Kiwah is rentevrij. Over een positief saldo in Kiwah ontvangen leden geen rente, noch moet er rente worden betaald over uitstaande schulden in Kiwahs.
De economie moet transparant zijn
Ons gebrek aan inzicht in de stand van onze huidige economie zorgt voor grote onzekerheid over ons geld. We weten grotendeels niet wat er met ons geld gebeurt. Waar komt het geld vandaan, waar gaat het heen? Wordt geld gespaard of uitgegeven, en zo ja waar wordt geld dan aan uitgegeven? Ons gebrek aan inzicht en overzicht werkt speculatie en misbruik in de hand. Financiële instellingen drukken geld, sparen geld, beleggen en speculeren met ons geld. Dergelijke praktijken waar wij geen zicht op hebben, en die wij niet kunnen controleren, kunnen gevaarlijke consequenties hebben voor de stabiliteit van onze economie. Openbaarheid van transacties en saldi heeft grote voordelen. Valsemunterij (het onrechtmatig creëren van geld uit het niets) is er bijvoorbeeld nagenoeg mee uitgesloten, evenals speculatie en handel in ongewenste goederen en diensten. Immers andere actoren in de economie hebben direct zicht op andermans transacties en saldo. Door transparantie wordt onderlinge controle mogelijk. De Kiwah-economie is zo transparant mogelijk opgezet, daarbij rekening houdend met de privacy van de gebruikers. Binnen Kiwah kunnen alle leden van elkaar het aantal en de som van de transacties in Kiwahs die gemaakt zijn zien. Ook het aantal opgespaarde Kiwahs is zichtbaar. Om privacy redenen is de aard van de transactie slechts beperkt zichtbaar (omwisseling voor euro’s, aanschaf dienst, aanschaf product). Fraude, zoals valsemunterij wordt voorkomen doordat een plotselinge toename in het aantal Kiwahs op een willekeurige Kiwah-account onmiddellijk opgemerkt zal worden. Voor speculatie geld hetzelfde; een onmiddellijke aanschaf van Kiwahs om deze op korte termijn weer in te wisselen voor Euro’s wordt direct zichtbaar.
Economische software en concepten moeten 'open source' zijn
Open Source is een term die voornamelijk gebruikt wordt in het software-domein. Het betekent dat de software zelf (de broncode) dan wel alle media die gepubliceerd is volledig beschikbaar wordt gesteld en een ieder de vrijheid van gebruik, modificatie en herverspreiding heeft. Dit betekent dat er gezamenlijk gewerkt kan worden aan de software dan wel de voortgebrachte media. Dat maakt dergelijke software transparant, controleerbaar en beheersbaar. Wikipedia is een bekend voorbeeld van open source software. Kiwah streeft naar maximale transparantie van haar activiteiten. Om die reden is alle media (tekst, video’s, afbeeldingen) op ‘Open Source’ wijze gepubliceerd op de website. Kiwah kent geen auteursrechten of claimt geen intellectueel eigendom op de inhoud gepubliceerd op het online Kiwah-platform maar heeft daarentegen een (naamsvermelding-gelijk delen) licentie onder de Creative Commons. Gebruikers mogen media kopiëren, verspreiden, doorgeven en remixen (afgeleide werken maken) onder twee voorwaarden. De eerste voorwaarde is dat de gebruiker bij het werk de door de maker of de licentiegever aangegeven naam vermeldt. De tweede voorwaarde is dat de gebruiker die de werken aanpast, kopieert, of verspreidt daar zelf geen rechten aan kan ontlenen en op deze werken uitsluitend dezelfde Creative Commons licentie van toepassing is. Met Open Source is er dus altijd ruimte voor innovatie. Open Source geeft de ruimte aan gebruikers om informatie aan te passen, toe te voegen en te updaten. Bovendien hebben zij de mogelijkheid informatie te delen, van elkaar te leren, gezamenlijk oplossingen te bedenken en verbeteringen aan te brengen. Veel media op het Kiwah platform is dus door de gebruiker gecreëerd dan wel gemodificeerd. Een Open Source benadering past bij Kiwah’s uitgangspunt om de invloed van individuele burgers en consumenten te vergroten.
Iedereen moet kunnen deelnemen
Deelname moet laagdrempelig zijn en toegankelijk voor iedereen. Niemand moet uitgesloten zijn van deelname. Hoe meer mensen mee kunnen doen, des te groter het effect van het programma. Kiwah richt zich voornamelijk op de actieve en de prijsbewuste consument. Maar Kiwah staat open voor iedereen. Zij maakt deelname gemakkelijk. Een internetverbinding volstaat om online duurzame producten en diensten te vinden, deze te beoordelen, en nieuwe winkels en producten toe te voegen. Het online Kiwah-platform is eenvoudig opgezet en alles wordt duidelijk uitgelegd. Je hoeft niet geleerd te hebben of een expert te zijn op het gebied van duurzaamheid om ook jouw steentje te kunnen bijdragen aan een duurzamere wereld.
Inspraak, eigendom en management van economische systemen moeten gescheiden worden
Een scheiding van machten en functies is noodzakelijk om belangenverstrengeling en eigen gewin uit te sluiten. Bij Kiwah worden de functies van eigendom, management en inspraak van elkaar gescheiden. Het eigendom van Kiwah ligt bij de investeerders in duurzame energie. Dit zullen voornamelijk de winkeliers en bedrijven zijn die Kiwahs aanschaffen om deze als loyaltypunten weg te geven bij de verkoop van hun producten en diensten. Gezamenlijk beheren zij Kiwah’s ‘Fort Knox’; het totaal aan windmolens, zonnepanelen en waterkrachtcentrales waarin Kiwah.org heeft geïnvesteerd. Het management van het Kiwah programma ligt in handen van de Kiwah Organisatie welk onderdeel is van The Points Foundation. De uitvoering van Kiwah ligt in de handen van een professioneel managementteam. Zij is verantwoordelijk voor onder andere het faciliteren van investeringen in duurzame energie, het vormgeven van het online Kiwah-platform en de duurzame database van producten en diensten en het opzetten van het beloningsprogramma voor duurzaam koopgedrag. De inspraak en besluitvorming wordt genomen door de Kiwah-gebruikers, de investeerders, de community-owners, en het management. Besluitvorming vindt plaats op een sociocratische wijze; consent is een voorwaarde voor het nemen van beslissingen.
Handleiding Community Starten
Je eigen community opzetten: makkelijk, leuk en leerzaam!
Is er in jouw buurt nog geen Kiwah community en vind jij dat er in jouw buurt meer gedaan moet en kan worden aan duurzaamheid en denk je dat Kiwah hier goed bij past? Vind je het zelf leuk om hieraan vorm te geven in je eigen buurt? Start dan je eigen community! Een community starten is eenvoudig en leerzaam, en bovendien krijg je er een groter netwerk en een sterker sociale cohesie in je buurt voor terug. Probeer een kiwah community niet alleen te runnen. Een levensvatbare community heeft een kerngroep van minstens 3 tot 7 mensen nodig. De kerngroep is de algemene organisatiegroep en bestaat uit iedereen die mee denkt en meehelpt met de organisatie en de ontwikkeling van de community. Zo kan je taken verdelen en met meer mensen kan je ook meer ideeën uitdenken en uitvoeren. Daarnaast heb je gezamenlijk een groter netwerk en is het vaak gemakkelijker om dingen voor elkaar te krijgen. Als je dan tot het besluit bent gekomen om zelf een community op te zetten, dan zijn er een aantal dingen die gedaan moeten worden om de community ook echt te laten groeien: voor een vitale en groeiende community zijn er leden nodig en zijn er bedrijven/ondernemingen nodig die aan het programma willen mee doen. Als de community zo ver is om gelanceerd te worden, is het uiteraard leuk om hiervoor een kleine campagne op te zetten. Hieronder staat stap voor stap hoe je je community kan opzetten en vind je de tips, tricks, do’s en dont’s om jouw community tot succes te maken
Stap 1. Hoe kom je aan je kerngroep en waar begin je?
Hoe kom je aan je kerngroep? Vaak ontstaat een Kiwah community doordat één persoon het initiatief neemt. Hoe vind je mede-initiatiefnemers? - Praat, vertel, laat lezen, begin erover, vraag ieder die je kent. Je kunt ook contact zoeken via opbouwwerk, gemeentelijke beleidsambtenaren, scholen, kerk, etc. - Laat je interviewen door de lokale pers. Laat weten dat je mede-initiatiefnemers zoekt. Zodra je met enkele anderen bent, kun je beginnen met organiseren. Blijf daarbij openstaan voor meer medewerking. Denk weer aan opbouwwerk, kerk en gemeente. Op het moment dat je begint met je kiwah community, gaat je manier van werken een rol spelen. Hoe wil je te werk gaan? planmatig of organisch, strak of speels, open of gericht? Om je werkwijze te kunnen bijstellen, is het belangrijk evaluatiemomenten in te bouwen. Een planmatige aanpak betekent: je maakt eerst een plan van wat je allemaal geregeld wilt hebben en wanneer. Je zoekt er de nodige mensen bij en verdeelt de taken onderling. Volgens dat plan ga je aan het werk. Een organische aanpak betekent: je gaat aan de slag met wat je logisch lijkt om als eerste te doen. Ieder doet wat zij of hij graag doet en kan. Gaandeweg pak je aan wat nodig (b)lijkt. Zaken die om een oplossing vragen, dienen zich vanzelf aan. Bij deze aanpak hangt de ontwikkeling van je community voor een belangrijk deel af van wie er meedoen en wat ze kunnen. Beide methoden werken. Het slagen van je systeem hangt er niet vanaf of je het planmatig of organisch opzet, maar of ieder zich voldoende thuis voelt in de gekozen aanpak . Het is daarom vooral van belang dat je je realiseert wat het best bij je past. Individuele verschillen zijn vaak goed in te passen door klussen toe te wijzen aan de juiste persoon. Hoe formeel of informeel je ook omgaat met elkaar en met je werk, zorg dat je het goed hebt, dat je plezier hebt in wat je doet. Het is daarbij net als bij het vorige punt: formeel of informeel, beide werken goed in een LETSysteem, als het maar bij je past. Je kunt bewust een aanpak kiezen, maar die kan ook vanzelf ontstaan. Hoe dan ook werkt het meestal goed om, simpel gezegd, de regelnichten te laten regelen, de doeners te laten doen, de denkers te laten denken en de gezelligerds gezellig te laten doen. Zoek naar de juiste verhouding om het geheel lekker te laten draaien. Zorg voor elkaar bevordert het werkplezier en de efficiëntie. Een enkele keer is het goed je af te vragen of iemand wel in het team past, of diegene niet teveel energie en aandacht opslokt. Misschien is iemand gelukkiger in een werkgroep. Wees eerlijk tegen elkaar, zonder hard te worden. Blijf menselijk. Met open wordt bedoeld: openstaand voor alles en iedereen die op je pad komt. Met gericht wordt bedoeld: geconcentreerd op je specifieke doelen en alles uitsluitend wat daar niet aan bijdraagt. Vragen die daarbij kunnen spelen, zijn: - Blijf je een open kerngroep? - Laat je telkens nieuwe mensen toe of sluit je de groep bij een zeker aantal? Bedenk dat nieuw geïnteresseerden van vitaal belang zijn. Regelmatige aanvoer van nieuwe mensen verzekert de duurzaamheid van je kerngroep. Toch komt het niet altijd uit. Nieuwelingen betekent vaak ook, oude besluiten weer ter discussie stellen. Omgekeerd zijn nieuwelingen soms hard nodig maar laten ze op zich wachten. Pak het aan wanneer hier problemen mee dreigen. Gun jezelf de tijd om terug en vooruit te kijken. Vragen die je jezelf kunt stellen zijn: - Wat hebben we bereikt? - Wat hadden we verwacht te bereiken? - In welke situatie zitten we? - Waar willen we naartoe? - In hoeveel tijd willen we dit realiseren? - Welke taken en verantwoordelijkheden vloeien daaruit voort? - Welke kansen en bedreigingen zijn er? De Kiwah community staat voor samen werken, samen doen en uitwisselen. Met elkaar en met de overige leden van de communities. Met andere kerngroepen in je regio, provincie en in het land. De taken van de kerngroep: 1. coördinatie - Eén persoon neemt de verantwoordelijkheid op zich voor de algehele coördinatie en ontwikkeling. Hij of zij organiseert de mailing en zit mensen achter hun broek aan. 2. pr/communicatie - meerdere mensen zullen zich bezig houden met pr en communicatie, zowel de offline media als de online media zijn manieren om de kiwah community meer aandacht te geven. Via info@kiwah.org kunnen allerlei voorbeeld communicatiematerialen worden opgestuurd, die als voorbeeld kunnen dienen voor lokale communicatiemiddelen. Het team schrijft persberichten, blogs, opinies, verhalen, neemt contact op met de pers. Soms is het handig om één persoon aan te stellen als persofficier, die als woordvoerder optreedt naar de pers, radio, tv etc en voorlichting kan geven aan andere groepen (in stap 5 wordt hier verdere aandacht aan gegeven, ook is er een lokaal publiciteitsplan er voorbeeld opgezet). 3. coördinatie van evenementen - deze persoon is verantwoordelijk voor het eventuele coördineren van evenementen voor sociale, lobby of eventueel fondswervende activiteiten (in stap 6 wordt hier meer aandacht aan gegeven). 4. lobby - er zal een team van lobbyisten zijn die gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het betrekken van bedrijven bij de community. Vooral als het beloningssysteem gaat lopen en bedrijven wordt gevraagd een investering te doen om punten te kunnen uitgeven, zal het team gezamenlijk tot een methode moeten komen om bedrijven te benaderen en te betrekken (in stap 4 wordt hier uitgebreider aandacht aan besteed). Naast de kerngroep zal je mensen om je heen willen hebben die algemeen ondersteunend werk verrichten, bijvoorbeeld posters of flyers rondbrengen, helpen bij kraampjes, anderen aansporen lid te worden van de kiwah community, deel te nemen aan acties etc.
Stap 2: Je eigen community opzetten op de website
Om een community op te zetten moet je eerst ingelogd zijn. Ben je dit nog niet klik dan hier om je direct te registreren. Ga via de menubalk naar communities en je komt op de community begin pagina. Klik daar op de knop: Start een Community! Als je al bent ingelogd kan je gelijk een community, op basis van lokatie aanmaken, anders word je gevraagd eerst in te loggen of jezelf te registreren. Bij het aanmaken zijn er een aantal stappen die je moet volgen: 1. Community naam en community beschrijving (deze kan je altijd later nog aanpassen) 2. Voorkeuren: forum discussies staat standaard aangevinkt, vanuit de Kiwah organisatie willen we dit ook stimuleren zo te doen! Zo kan iedereen binnen je community en van andere communities lezen wat er gebeurd, waar jullie mee bezig zijn en tips geven of vragen stellen. De Privacy opties: er zijn er drie: de eerste is standaard aangevinkt: een open community; dit houdt in dat iedereen zich kan aansluiten bij de community, de inhoud en activiteiten zichtbaar zijn voor alle ingelogde kiwah leden en dat de community ook op de homepage gevonden kan worden. Om zo veel mogelijk open source te zijn en iedereen de mogelijkheid te bieden te leren van elkaar adviseren wij deze optie! Bij een gesloten community moet ieder potentieel lid eerst goedgekeurd worden door de community-starter (jij!), is de community wel zichtbaar op de home page, maar zijn de activiteiten en documenten alleen inzichtelijk voor de community leden. Bij een verborgen community wordt de community niet getoond op de homepage, is de inhoud alleen inzichtelijk voor de community leden en kunnen alleen gebruikers die zijn uitgenodigd door de community lid worden. 3. De volgende stap is de avatar van de community maken, je kan hem op de standaard laten staan, maar je kan natuurlijk ook een leuke foto van de stad/buurt o.i.d. toevoegen, een bekend plein, een bekend bouwwerk of een stukje landschap, zo maak je jouw community direct herkenbaar! 4. De plaats: waar is je community? 5. Verstuur uitnodigingen: De laatste stap in het aanmaken van je community op kiwah.org is het versturen van uitnodigingen. Je kan andere bestaande Kiwah-leden uitnodigen lid te worden, je kan ook mensen uitnodigen die nog geen lid zijn van Kiwah via de mail functie. 6. Klaar: je community is aangemaakt! Je komt nu direct op je eigen community pagina terecht. Vanuit hier kun je bijvoorbeeld documenten uploaden, nieuwe berichten plaatsen, meer mensen uitnodigen, of leden oproepen tot acties. Aangezien jij de administrator bent van de community ben jij degene die altijd de informatie van de community kan aanpassen of de community kan verwijderen. NB. Voor alle informatie die op de community pagina’s worden gezet gelden dezelfde regels als voor alle andere teksten die op de Kiwah website worden gezet. Deze zijn te vinden in de gebruiksvoorwaarden.
Stap 3: Hoe kan je meer leden werven voor je community?
Voor een vitale en steeds verder groeiende community zijn er leden nodig. Deze leden kan je in eerste instantie via je directe omgeving uitnodigen via de mailfunctie op de website. Uiteraard kun je deze leden weer stimuleren om ook hun buurtbewoners, vrienden, collega’s en familie uit te nodigen om lid te worden. Via zo’n sneeuwbaltechniek kan je al veel mensen bereiken, maar zeker niet iedereen die binnen de grenzen van je community woont. En toch wil je uiteraard zo veel mogelijk leden om sterker te staan als buyers-consortium naar bedrijven. Om zo veel mogelijk leden binnen de grenzen van je community te werven zijn er een aantal tips, tricks en do’s: - Zorg ervoor dat je een duidelijk en simpel verhaal hebt. Hoe makkelijker het verhaal te begrijpen is, hoe sneller mensen geneigd zijn mee te doen. Benadruk dat het gratis en makkelijk is om lid te worden. Kijk voor voorbeelden van verhalen hier. - Kijk op andere community fora hoe zij hun leden hebben geworven - Stel een leuk en activerend mailtje op en stuur deze naar al je vrienden, familie in de buurt en collega’s en vraag hen het bericht door te sturen. - Plaats een bericht in de buurtkrant offline of online (bijvoorbeeld buurtlink.nl) - Kijk of er ruimte is voor een poster bij de bibliotheek, sportclub - Is er een evenement in de buurt? Kijk of je hier een standje kan krijgen - Plaats berichtjes of leuke filmpjes op diverse sociale media, zoals facebook, hyves, Linkedin, twitter, of weblog. - Vraag of je posters mag ophangen in de winkels die op de website worden geplaatst, of kaartjes op het prikbord. - Winkeliers en bedrijven die meedoen aan het programma doen vaak zelf al mailingen de deur uit. Kijk of je een leuk artikel kan schrijven voor dit bedrijf om zo ook tegelijkertijd meer mensen aan te zetten lid te worden. - Zorg voor publiciteit via bijvoorbeeld radio of de stads-tv - kijk of er organisaties in de buurt zijn die op lokaal/regionaal niveau werkzaam zijn. Denk aan de COSsen (centra voor ontwikkelingssamenwerking www.cos.nl), lokale milieuorganisaties of lokale politieke partijen. Via hen kun je hun achterban vaak goed bereiken. - Ga naar scholen en vraag of je een bericht naar de ouders mag sturen, via mailingen of via de schoolkrant. Don’ts: - Stop geen folders in brievenbussen. Reclamefolders belanden vaak direct in de papierbak en dat is nou juist niet erg duurzaam. - Dwing mensen niet om mee te doen, het is vrijblijvend en niet iedereen zal direct de voordelen inzien. - Kom niet met lastige verhalen aanzetten, mensen zullen de boodschap niet onthouden. - Geef geen antwoord op vragen die je niet weet. Zorg ervoor dat je alvast antwoorden klaar hebt op de vragen waarvan je denkt dat ze zullen worden gesteld. Als je er niet uit komt is dat geen probleem, maar vraag dan iemand zijn email adres om op zijn vraag terug te komen.
Stap 4: Hoe betrek je bedrijven bij je community?
Zoals je al op de community pagina gezien hebt kan je direct naar de pagina Winkels&Producten. Klik je hierop via je community dan wordt je direct geleid naar de winkels en producten in jouw plaats/buurt. Het kan uiteraard zijn dat er al wat winkels en producten instaan, maar er zullen veel kleinere ondernemingen en winkels zijn waar de overkoepelende organisatie geen weet van heeft en die dus ook nog niet op de website staan. Zelf zal je al van een aantal winkels in de buurt weten of zij duurzame producten verkopen of niet. De bakker bij jou om de hoek verkoopt misschien niet alleen maar biologisch brood, maar heeft het wel in zijn assortiment. Dit is waardevolle informatie voor de rest van de community en daarom ook voor Kiwah in het algemeen. Om de community-leden het inzicht te geven waar welke producten in de buurt verkrijgbaar zijn, is het belangrijk om de online database aan te vullen. Ieder Kiwah lid kan dit doen en wij stimuleren de communities om dit vooral ook zelf te doen. Dit zodat het overzicht op lokaal niveau wordt aangevuld, duidelijk is en de database steeds omvangrijker wordt. Een belangrijk onderdeel van Kiwah is het betrekken van nieuwe winkels en ondernemers bij de community. Dit doe je natuurlijk al deels door inzichtelijk te maken waar welke duurzame producten en diensten verkrijgbaar zijn. Het meest belangrijke deel is echter het benaderen van de ondernemers en winkels om deel te nemen aan het beloningsprogramma: voor de Kiwahleden nieuwe mogelijkheden om kiwahs te sparen en uit te geven, voor de ondernemers een interessante marketingtool. De ondernemer zal meer en trouwere klanten aan zich kunnen binden, krijgt een duurzamer imago en meer naamsbekendheid door op de portal te staan Deze naamsbekendheid verkrijg je als winkelier niet alleen op lokaal/regionaal niveau, maar ook op landelijk niveau. Om als ondernemer Kiwahs te kunnen uitgeven, moet de ondernemer deze bij de organisatie kopen. Dit gebeurt door te investeren in duurzame energie projecten. In eerste instantie zal dit landelijk geregeld zijn, het is uiteraard erg interessant om dit op lokaal/regionaal niveau te doen. Zo kunnen we nog meer een duurzame lokale economie realiseren. Het verhaal dat je aan de winkeliers/ondernemers vertelt zal voor een belangrijk deel uitmaken of zij al dan niet willen deelnemen. Zorg ervoor dat het verhaal duidelijk en helder blijft. Lees goed alle documentatie door en ook de FAQ voor gestelde vragen vanuit het bedrijfsleven. Aangezien in 2010 het beloningsprogramma nog in ontwikkeling is, zullen alle deelnemers het eerste jaar gratis op de website worden geplaatst. Hierbij moet dan wel worden vermeld dat het beloningsprogramma in 2011 van start gaat en dat de winkeliers/ondernemers dan, als zij de gratis marketing willen behouden en nog meer klanten willen binden aan het beloningsprogramma moeten meedoen. De investering in duurzame energieprojecten en de aansluiting van hun kassaterminal wordt allemaal door de overkoepelende organisatie gerealiseerd. Omdat het benaderen en betrekken van bedrijven behoorlijk intensief kan zijn, is het wellicht verstandig om meerdere community leden te benaderen waardoor jullie samen een groter bereik en meer kans op succes hebben. Hieronder volgen de tips, tricks, do’s & dont’s voor het benaderen en betrekken van bedrijven bij Kiwah: - Check fora van andere communities om inzicht te krijgen in hun werkmethodes - Heb je verhaal klaar, weet wat je wilt vertellen en hoe je dit wilt vertellen (klik hier voor een op-weg-help document). Zorg in ieder geval dat je een helder verhaal hebt waarin je extra aandacht besteedt aan de voordelen voor de winkelier; hij/zij komt gratis op de Kiwah-website vermeld te staan, hij/zij breidt daarmee zijn klantenkring uit, creëert een grotere naamsbekendheid en verkrijgt een duurzamer imago, niet alleen in de lokale community maar ook landelijk. - Lees ter voorbereiding op jouw gesprek de FAQ op deze site - Benader de lokale winkelier bij voorkeur persoonlijk, probeer hen eerst via mail of telefoon te bereiken om alvast wat informatie te geven. Vervolgens kun je een afspraak maken om langs te komen om verdere informatie te geven en de winkelier over te halen deel te nemen. - Benader de winkelier of het bedrijf op een tijd dat hem/haar dat uitkomt. Dus niet bij de bakker langsgaan in de ochtend, op het drukste moment van de dag. - Vergeet vooral niet te overleggen met je collega-Kiwahleden en te evalueren - wat ging er goed, wat ging er niet goed en hoe kan je dit verbeteren? - Kijk of er in de buurt lokale organisaties zijn die zich willen aansluiten bij Kiwah en mee willen helpen in het betrekken van bedrijven bij het programma. - Zorg dat je de juiste personen te spreken krijgt: bij een kassamedewerker zal je niet ver komen; de eigenaar of winkelmanager moet je uiteindelijk overtuigen. - Spreek als je toch al in de winkel bent de winkelier aan. Kijk in de telefoongids of gouden gids bij bedrijven die je eventueel wilt benaderen. - Kijk op www.kvk.nl en zoek naar adressen van winkeliers en ondernemers in je gemeente - Rondje bellen - Mailen naar de ondernemers - Kijk of je in een ondernemersblaadje een bericht kan zetten, gericht aan de winkeliers en ondernemers in de buurt - Kijk of je een ondernemer zo ver kan krijgen, om zijn/haar collega ondernemers aan te spreken. - Organiseer in samenwerking met een aantal ondernemers of de Kamer van Koophandel of een brancheorganisatie een informatie-avond. Zo kan je meerdere ondernemers tegelijkertijd aanspreken. (neem voor materialen contact op met info@kiwah.org) - Verzamel alle vragen waar je niet direct antwoord op hebt en koppel die terug aan kiwah.org zodat we er allemaal van kunnen leren - Als bedrijven hulp willen in het verduurzamen van hun assortiment, stuur ze dan door naar kiwah.org. Of pak dit zelf op met andere community leden. Hoe meer duurzame producten er in de schappen komen, hoe beter! - Loop zelf eens een rondje door de winkel om te bekijken wat voor duurzame producten zij in het assortiment hebben. Vraag alsnog aan de ondernemers om een lijst met Ean codes (barcodes) en namen, zo kan je de database nog beter aanvullen (een digitale versie is hierbij het handigste, zo hoef je minder typewerk te verrichten). Voor hulp bij de invoer of het verenigbaar maken van de lijst, neem contact op met info@kiwah.org - Benadruk de voordelen voor de winkelier/ondernemer om mee te doen aan het beloningsprogramma. - Laat in gesprekken de website zien, dan krijgen de ondernemers een beter beeld van hoe Kiwah werkt. Daarnaast is het ook handig om te laten zien hoe groot de Kiwah communities zijn. Zo krijgen de ondernemers een beeld van de markt die zij kunnen aanboren. Don’ts: - Word niet boos of opdringerig als een ondernemer niet wil meedoen aan het programma, - Maak zo min mogelijk papieren mailingen. De ervaring leert ons dat op papieren mailingen vaak maar een paar procent reageert en het grootste deel het document/de brief niet eens heeft gelezen. Dat is zonde van het papier, je tijd en het geld. - Val ondernemers die nog niet hebben nagedacht over duurzaamheid niet aan! Er zijn veel ondernemers die zich nog nooit hebben bezig gehouden met duurzaamheid, of niet weten waar ze die producten kunnen inkopen. Help ze op weg! (mocht je zelf geen informatie hebben over waar je ze heen kan sturen, stuur een mail naar info@kiwah.org voor hulp). - Raak niet geïrriteerd als bedrijven meer informatie willen, of dezelfde vragen meerdere keren stellen. - In het geval je ergens geen antwoord op kan geven, zeg dan niet dat je het niet weet, maar zeg dat je daar op terugkomt. Zo hou je het gesprek in ieder geval open voor toekomstige gesprekken.
Het is gelukt! Je community leeft, heeft leden en bedrijven hebben zich aangesloten. Dit moet gevierd worden! Daarnaast zou het toch erg leuk zijn om nog meer leden te krijgen en meer zichtbaarheid zodat bedrijven jou kunnen vinden en zich aan kunnen sluiten bij de community. Hoe krijg je dit dan voor elkaar? Hieronder een paar tips en tricks (een uitgebreide versie is te lezen onder het document: locale publiciteitsplan): - Kijk op het Kiwah forum! Andere communities zijn jou reeds voor gegaan en hebben waarschijnlijk veel dingen op dezelfde manier aangepakt. - Zet berichtjes op allerlei sociale media: denk aan twitter, facebook, hyves, linkedin, myspace of youtube. - Schrijf een persbericht en stuur deze door naar allerlei lokale en nationale media - Maak een pers-filmpje; gelijkend aan een geschreven persbericht, maar dan in beeld en geluid en stuur deze door naar allerlei media in de buurt of op nationaal niveau. - Organiseer een stuntactie en nodig media hiervoor uit. Koppel je stuntactie wel aan iets dat met ofwel je community te maken heeft, ofwel met Kiwah. Je kan best op de jaarlijkse braderie een leuke stunt doen, maar je kan ook iets op duurzame dinsdag neerzetten. Zo heb je een connectie, dat maakt het voor de pers weer wat interessanter - Kijk of je op de radio of tv kan komen, zo kan je je eigen community verder promoten.
Je community staat, er zijn al veel leden, de kerngroep loopt lekker, bedrijven sluiten zich aan en duurzaamheid in de buurt begint een steeds groter aandeel in te nemen. Toch moet je blijven werken aan het succes. De sleutel hiervoor is communicatie. Blijf de leden van de community betrekken, want hoe groter het buyers consortium hoe duurzamer we de wereld kunnen maken. Blijf de leden van de community op de hoogte brengen van gebeurtenissen en acties met bijvoorbeeld een nieuwsbrief die je via de website kan versturen. Sociale gebeurtenissen zijn van vitaal belang, ze brengen mensen met elkaar in contact en stimuleren de uitwisseling van ideeën en ervaringen.Organiseer een koffieochtend, een duurzame picknick in het park, een BBQ, een Kiwah marktplaats offline etc. Zo houdt je contact met de leden en de leden leren elkaar onderling ook beter kennen, waardoor het sociale van de community nog groter wordt en de onderlinge band sterker.
klik hier en log in met je gebruikersnaam als je dat nog niet gedaan had!
Log hieronder in. Je kunt ook een account aanmaken.